Het is nu wo dec 19, 2018 4:28 am




Plaats een nieuw onderwerp Antwoord op onderwerp  [ 945 berichten ]  Ga naar pagina Vorige  1 ... 59, 60, 61, 62, 63
Ter herinnering aan.. 
Auteur Bericht
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Carel Wilhelm GERSDORF (49 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Het Grote Gebod


Geboren vrijdag 19 april 1895 te Amsterdam (NH).

Zoon van Carel Wilhelm GERSDORF en Martha Lubberta van HARDEVELD.


Afbeelding
Algemeen Handelsblad (A.B.), zondag 21 april 1895

Religie: Gereformeerd.

Op donderdag 21 april 1921 te Amsterdam (NH) gehuwd met Johanna Hendrika
SCHOONDERBEEK.

Uit dit huwelijk twee zoons geboren te Arnhem (GL);

Carel W. januari 1927 en
Lodewijk K. november 1929.

Woonplaats Arnhem, Van Heemstralaan 81.

Carel van kantoorbediende via koopman in sigaretten, via leider der tabaksfabrieken
naar de functie van directeur Turmac te Zevenaar (GL).


Turmac Zevenaar

Zevenaar was in het beging van de twintigste eeuw een slapend plattelandsstadje. Dat veranderde met
de komst in 1920 van de Turmac-sigarettenfabriek. Turmac werd een grote werkgever voor Zevenaar
en omgeving en in veel opzichten een voorbeeld voor sociaal beleid.

Vanaf het eerste begin besteedt de Turmac veel geld aan de sponsering van de sport. Al in de jaren
twintig wordt het Nederlands Olympisch Comite financieel gesteund. Zo lezen we in een advertentie
in 1924:
"Weet u dat U door het rooken van Turmac Cigaretten het Olympisch Comite in zijn streven kunt
steunen?"


Het bedrijf groeide snel. In 1924 had het 5% van de sigarettenmarkt in Nederland in handen, in 1930
40%. In 1925 werd de Turmac Voetbal Vereniging opgericht. Op 12 september 1927, Carl is dan leider
van de tabaksfabriek, brengt prins Hendrik, echtgenoot van koningin Wilhelmina, een bezoek aan de
Turmac in de Kerkstraat in Zevenaar. Bij deze gelegenheid wordt de fabriek "Hofleverancier". In 1932
werden de eerste Molins sigarettenmachines geplaatst.
In verband met de scherpe concurrentiestrijd als gevolg van de economische crisis werd in juni 1933
ook de productie van sigaren, pijptabak en shag ter hand genomen. In 1933 werkten er 1154 mensen;
de mannen voornamelijk als machinebedienaar en monteur, de vrouwen als inpakster en de kinderen
als losmakers van de tabak. In 1934 voertTurmac een doorbetaalde vakantie van drie dagen in. In het
jaar 1935 werden er circa 1,2 miljard sigaretten geproduceerd, in 1939 was dit gestegen tot 1,3 miljard.


Turmac Voetbal Vereniging in de jaren dertig, geheel rechts erevoorzitter Gersdorf.
Afbeelding
Foto: Liemershistorie


De jaren van de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) hebben diepe sporen nagelaten. Toen in 1939 de
oorlogsdreiging steeds duidelijker werd, groeven Turmacmensen loopgraven nabij de fabriek achter
kasteel Enghuizen om in noodgevallen een schuilplaats te hebben. Korte tijd daarna richtte de directie
in verband met de kans op een bombardement een vrijwillige brandweer op. In juni 1940 kwam er een
algemeen rijverbod voor auto’s, zodat alle tabak en tabaksproducten voortaan met paard en wagen
moesten worden vervoerd. Eind 1941 was er gebrek aan contant geld. De werknemers ontvingen daar-
om van 6 december 1941 tot 14 maart 1942 hun loon in de vorm van tegoedbonnen.
Het aantal vrouwen en meisjes dat bij Turmac werkte daalde sterk. Het aantal mannen daalde ook.
In 1942 werden er vier gevorderd om in de Duitse oorlogsindustrie te gaan werken, in 1943 nog eens
93 mannen.

Directeur Carl Wilhelm Gersdorf hielp in het geheim gevluchte medewerkers en krijgsgevangenen aan
onderduikadressen en levensmiddelen, adviseerde de KP (Knokploeg, onderdeel van het verzet) in zijn
omgeving en liet in de fabriek door een speciale groep arbeiders de bekende armbanden met de Oranje
Leeuw voor de KP maken. Het transport van deze armbanden verzorgde hijzelf.
Toen hij in het openbaar op het station Zevenaar sloffen sigaretten uitdeelde aan krijgsgevangenen die
per trein naar Duitsland werden vervoerd, werd hem dit zwaar door de Duitsers aangerekend.

Diverse malen heeft hij de SD getrotseerd en met zijn scherpzinnigheid was hij hun steeds de baas.

Op zaterdag 9 september 1944 ontbood de SD hem telefonisch. Toen hij zich kwam melden werd hij
gearresteerd en nog diezelfde dag, tijdens zijn transport, in de buurt van Beekbergen met een nek-
schot van het leven beroofd.



De vader van Loekie Gersdorf, een klasgenoot van mij, was directeur van de Turmac sigaretten
fabriek in Zevenaar. Hij werd op een dag telefonisch ontboden bij de SD in Arnhem. Hij was zich
van geen kwaad bewust en dacht dat ze een bestelling wilden plaatsen, dus meldde hij zich daar.
Hij werd meteen gearresteerd en van het SD hoofdkwartier aan de Utrechtseweg 52, door een
paar SD-ers naar Apeldoorn gebracht. Waarom is nooit duidelijk geworden. Onderweg lieten ze
hem bij Beekbergen uitstappen. Ze schoten hem met een nekschot dood, lieten het lijk liggen en
rapporteerden: "Auf der Flucht erschossen".
De politie moest de rommel maar opruimen....


Uit het politierapport te Apeldoorn:

Op 9 september 1944 te omstreeks 22.00 uur is op de Arnhemseweg
in de gemeente Apeldoorn de te Arnhem woonachtige Carel Wilhelm
Gersdorf, directeur-generaal van de Turmacfabrieken, die blijkens
telefonische mededeling van de Sicherheitspolizei te Arnhem per auto
werd overgebracht naar het concentratiekamp te Amersfoort, ter plaat-
se bij een poging tot ontvluchting, doodgeschoten.


Afbeelding
Foto: Acedemia


Afbeelding
Algemeen Handelsblad, dinsdag 12 september 1944


Carel Wilhelm GERSDORF is bijgezet in het familiegraf op de begraafplaats
Moscowa te Arnhem

Afbeelding
Foto: Online-begraafplaatsen, 12 juli 2011


Gedenksteen

De Eusebiuskerk of Grote kerk in Arnhem is de grootste en voornaamste Protestantse
kerk van Arnhem. In deze kerk is gedenksteen opgericht ter nagedachtenis aan de
dertien gemeenteleden die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn gefusilleerd of in een
concentratiekamp zijn omgekomen. Carel Gersdorf is één van de dertien slachtoffers.

Gedenksteen in de Eusebiuskerk te Arnhem
Afbeelding
Foto: Oorlogsbronnen


In Zevenaar is een straat vernoemd naar Carel Gersdorf

Afbeelding
Foto: Google Street View, mei 2016


Na het einde van de oorlog moesten veel personen zich verantwoorden voor hun daden gepleegd tijdens
de bezetting. Zo ook Friedrich August ENKELSTROTH, geboren op 18 november 1906 te Twistringen in de
huidige Duitse deelstaat Nedersaksen.


Afbeelding
Het Parool, donderdag 12 februari 1948


Afbeelding
Limburgsch Dagblad, zaterdag 21 februari 1948


Na de uitspraak doodstraf werd zijn zaak later in cassatie behandelt en werd zijn
straf gewijzigd in 20 jaar gevangenisstraf.

Bij een vervolgprocedure bij het bijzondere strafkamer van de rechtbank te
's-Hertogenbosch veroordeelde men hem in april 1949 tot 15 jaar gevangenisstraf.

Afbeelding
Algemeen Handelsblad, woensdag 13 april 1949


F.A. ENKELSTROTH werd vrijgelaten op 28 augustus 1951 en kon als vrij man
terugkeren naar Duitsland. Hij overleed op 27 oktober 1955, 48 jaar oud te
Hamburg, Duitsland ....



Enkele Bronnen:


"Het Grote Gebod", Gedenkboek van het verzet in LO en LKP, Deel I en Deel II
H. van Riessen -e.a.-
Uitgever J.H. Kok, 4e druk, Kampen 1989

oorlogsgravenstichting.nl
www.academia.edu
www.apeldoornendeoorlog.nl
www.chrisvankeulen.nl
www.delpher.nl
www.exodushuissen.nl
www.online-begraafplaatsen.nl
www.oorlogsbronnen.nl

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo sep 09, 2018 4:00 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Jan GASIOROWSKI (33 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Polish wargraves


Geboren dinsdag 2 mei 1911 te Rozalin in het district Konin, te Polen

Jan Gasiorowski is korporaal, heeft servicenummer 33339 en is ingedeeld bij het 9e Bataljon Jagers,
onderdeel van de Eerste Poolse Pantserdivisie.



De slag om Axel, Zeeuws Vlaanderen september 1944


Op 13 september 1944 komen de eerste troepen van de Eerste Poolse Pantserdivisie onder commando
van generaal majoor Maczek aan bij de grens van België met Zeeuws Vlaanderen. Er wordt halt gehou-
den, omdat op dat moment nog gevechten plaatsvinden door eenheden van de divisie in de omgeving
van het Belgische Gent. De aanwezige artillerie gaat wel onmiddellijk beginnen met inschieten op moge-
lijk toekomstige doelen, waarschijnlijk is dit de eerste beschieting van Hulst (ZL) geweest.

Op 14 september komt ook het gros van de pantserdivisie aan bij de grens en er volgt een reorganisatie
van de divisie, gericht op de bevrijding van Oost-Zeeuws-Vlaanderen.

De 3e Brigade wordt versterkt met delen van de 10e Brigade en krijgt de opdracht om Axel te bevrijden.

Het gros van de 10e Brigade blijft achter bij de grens (De Kling en Tromp-Wal) met als taak om "toezicht
te houden op Hulst".

Op zaterdag 16 september passeren de eerste eenheden, waaronder het 9e Bataljon Jagers, de grens bij
het Nederlandse Koewacht. De eenheden lopen vast bij de Bonte Koe, maken rechts-uit-de-flank en doen
vanaf de forten in de Spaanse linie tussen Hulst en Sas van Gent uit de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648),
St.-Joseph, St.-Jacob, St.-Livinus, St.-Nicolaas, St.-Andries en Fort Ferdinandus, een vergeefse poging
het kanaal Axel-Hulst en de voorliggende door de Duitsers gestelde inundatie, over te steken bij de Twee-
de Verkorting.

Bij deze acties, het forceren van drie tot vier overgangen, sneuvelen veel Poolse militairen waaronder
Jan Gasiorowski.

Jan is vermoedelijk gesneuveld op of nabij de Axelsestraat tussen Fort Ferdinandus en Absdale.



De bevrijding van Koewacht gaat zonder slag of stoot

Koewacht was het eerste dorp in Zeeuws Vlaanderen dat werd bevrijd. In de vroege ochtend van
zaterdag 16 september 1944 reden militairen van de Eerste Poolse Pantserdivisie het dorp binnen.
Duitse militairen waren toen al twee dagen niet meer gesignaleerd.


De bevrijding van Koewacht verliep letterlijk zonder slag of stoot. Op donderdag14 september 1944
verlieten de Duitsers het vlassersdorp, de dag daarna hoorden de dorpelingen in de verte gerommel
en gedonder van kanonvuur en toen ze op 16 september wakker werden stonden er vreemde militai-
re voertuigen in de straat. Geen Engelsen, zoals iedereen had verwacht, maar Poolse militairen.


De toen 16-jarige Bennie van der Sijpt weet het nog goed:

"Er stond ‘Poland’ op hun uniformen. Toen wisten we dat Koewacht bevrijd
was". De Koewachtenaren verstonden geen woord van de Poolse bevrijders
en dus was er weinig overleg of discussie. Van der Sijpt: "Ze reden zonder
iets te zeggen bij ons in de Nieuwstraat het erf op naar onze schuur. Ze de-
den die open en zwaaiden een keer. Ze haalden alle materialen er uit, zet-
ten brancards neer en plaatsen een bord met een rood kruis aan de straat.
En zo was onze schuur snel in beslag genomen en omgetoverd in een nood-
hospitaal. ’s Middags kwamen er twee jeeps met brancards met daarop twee
gewonde soldaten. Want richting Axel werd zwaar gevochten om de brug
over het kanaal van Axel naar Hulst.”


De gewonde mannen werden in de schuur behandeld en verzorgd en na
twee dagen naar een ziekenhuis in België gebracht.

Diezelfde zaterdagmiddag 16 september werd ook een gesneuvelde Pool op
het Kerkplein gebracht. Mijnheer kapelaan diende hem nog het H.Oliesel toe.
‘s-Avonds rond 8 uur heeft Mijnheer pastoor hem hier op het kerkhof begra-
ven.

Hij ligt eerste klas. Iemand die zijn leven voor ons gaf verdient dat wel.

Het graf is er nog steeds ....




Afbeelding
Foto's: Oorlogsgravenstichting 5 april 2011

Na drie dagen braken de Polen hun noodhospitaal op en verdwenen
richting België. "En daarna hebben we hier geen militair meer gezien".



Jan Gasiorowski ligt begraven op het R.K. kerkhof van Koewacht.
Twee Polen liggen op het kerkhof van Zuiddorpe, 21 Polen hebben hun
laatste rustplaats gevonden op de R.K. begraafplaats van Axel en een
groot, onbekend aantal op diverse andere geallieerde begraafplaatsen
in Nederland en België.


Het “Poolse Kruis” aan de Hulsterseweg te Axel bij de Tweede Verkorting herinnert aan deze slag. Naar
schatting zijn bij de gevechten rondom de bevrijding van Axel zo’n 120 Poolse militairen gesneuveld.

Afbeelding
Foto: Holandia bez tajemnic, 20 september 2011



Enkele Bronnen:

24poolsehelden.nl
nl.wikipedia.org
oorlogsgravenstichting.nl
www.deslagomdeschelde.nl
www.holandiabeztajemnic.pl
www.oorlogsslachtofferszeeland.nl

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo sep 16, 2018 12:00 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Hendrik BOXMA (37 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Spoor- en Tramwegen, 7 november 1946


Geboren dinsdag 19 maart 1907 te Loppersum (GR).

Zoon van Jacob BOXMA en Hendrikje Jantje KOENDERINK.

Afbeelding
Nieuwsblad van het Noorden, woensdag 10 april 1907


Het gezin van Jacob en Hendrikje bestond uit elf kinderen waarvan er drie op zeer jonge leeftijd overleden.
Hendrik was de oudste, na hem kwamen nog vier jongens en drie meisjes.

Hieronder een foto van het gezin. Deze foto is genomen na het overlijden van vader Jacob Boxma op
6 maart 1931. Hij is vanuit een andere foto in deze foto geplakt.
Van links naar rechts:
Uge, Willem, [vader Jacob], Grietje, Albert Jan, Hendrika, Hendrikus Willem en Aleida, het tweelingzusje
van Willem. Vooraan zittend [moeder Hendrikje] en oudste zoon Hendrik.

Afbeelding
Foto: Foto Boxma


Hendrik huwde op zaterdag 23 mei 1931 te Loppersum met Ida BLOK.

Afbeelding
Nieuwsblad van het Noorden, donderdag 28 mei 1931


Uit dit huwelijk twee zoons,

Jacob (Jaap) geboren 29 september 1931
en Freerk (Fré) geboren 11 april 1937.


Hendrik was rangeerder bij de Nederlandse Spoorwegen (NS) en
werkzaam op station Sauwerd gelegen aan de spoorlijn Groningen -
Delfzijl.

Afbeelding
Foto: Stuut

Het gezin woonde te Sauwerd, Schoolstraat S 111.

In november 1941 volgde verplaatsing van Hendrik naar staion Haren (GR).

Afbeelding
Nieuwsblad van het Noorden, zaterdag 8 november 1941

Het gezin verhuisde later in Groningen aan de Bedumerweg 91a.

Hendrik was lid van het verzet.


1944 Spoorwegstaking.

Op 17 september 1944 ging het personeel van de NS in staking. De Nederland-
se regering in ballingschap te Londen wilde dit, omdat ze zo de Duitsers konden
hinderen. Als de NS niet werkten, kon er immers niets vervoerd worden voor
de Duitsers.

Na een oproep van Radio Oranje op 17 september 1944, met het codebericht:
"De kinderen van Versteeg moeten onder de wol",legden 30.000 personeels-
leden van de NS het werk neer. Veel mensen die bij de NS werkten moesten
onderduiken, omdat de Duitsers ze anders zouden dwingen weer aan het werk
te gaan.

De spoorwegstaking viel samen met het begin van Operatie Market Garden.
Via het Nationaal Steun Fonds heeft de Nederlandse regering in Londen een
belangrijk deel van deze staking kunnen financieren. In Noord-Nederland
werd de financiering van de staking door de NS aanvankelijk georganiseerd
via de Groep-De Groot totdat deze groep in januari 1945 vrijwel geheel werd
opgerold.


De Duitse propaganda benadrukt dat de spoorwegstaking alleen maar honger
en ellende veroorzaakt voor de eigen bevolking. De Duitsers hebben er niet
veel last van want de soldaten worden met Duitse treinen vervoerd.
De staking wordt toch doorgezet tot aan de bevrijding ondanks de executies
van gearresteerd ondergedoken NS personeel.

Duitse propaganda affiche
Afbeelding
Foto: Collectie Verzetsmuseum Amsterdam


Ook Hendrik Boxma dook onder.

Enige dagen later werd Hendrik gearresteerd op zijn onderduikadres door de Nederlandse SD-handlanger
Harm (Harry) Bouman (1917-2001).

Op het perron van station Groningen is Hendrik BOXMA op zaterdag 23 september 1944 voor de ogen van
zijn NS collega’s door een vuurpeloton doodgeschoten.


Afbeelding
Foto: Stuut


Hendrik is begraven te Groningen Hij werd eerst begraven op de Zuiderbegraafplaats en een jaar later
herbegraven op het middenvak van de 1e Noodbegraafplaats. Met de nabestaanden was de afspraak
gemaakt dat zodra de begraafplaats Selwerderhof klaar zou zijn, hij dan daar herbegraven zou worden.

In 1987 is zijn vrouw Ida Blok overleden en gecremeerd. In 1990 is het grafmonument met grafkelder
overgebracht naar de huidige locatie op Selwerderhof in vak IX, rij 5, nr. 1. Tegelijkertijd is de asbus
van mevrouw Boxma-Blok bijgezet in de grafkelder. In 2013 is hun zoon Fré overleden, ook zijn asbus
is bijgezet in de grafkelder.
Het monument is in opdracht van de Protestants Christelijke Bond van Spoor en Tramwegpersoneel
gemaakt.

Afbeelding


Afbeelding
Foto's: Elvesham, 10 mei 2015 (Wikimedia)


Hoofdstation te Groningen.

De naam van Hendrik Boxma staat genoemd op de plaquette
“TER GEDACHTENIS AAN HEN DIE VIELEN 1940 – 1945”

De plaquette hangt op het eerste perron van het stationsgebouw van de Nederlandse Spoorwegen
te Groningen.

Afbeelding
Foto: G. Vos (4 en 5 mei)

Afbeelding
Foto: Elvesham, 15 april 2014 (Wikimedia)


Monument te Utrecht.

De naam van Hendrik Boxma komt voor op het monument van de
Nederlandse Spoorwegen te Utrecht.

Het monument voor het gevallen spoorwegpersoneel is een oorlogsmonument in Utrecht ter
nagedachtenis aan in de Tweede Wereldoorlog omgekomen personeel van de Nederlandse
Spoorwegen. Het beeld is geplaatst bij De Inktpot, het voormalig Hoofdadministratiegebouw III
van de Spoorwegen, aan het Moreelsepark.

Afbeelding
Foto: A.J. van der Wal, 2002 (Wikimedia)

Het beeld werd gemaakt door de Groninger beeldhouwer Willem Valk. Hij werd daarin geassisteerd
door Rinus Meijer en Wladimir de Vries. Het monument werd onthuld op 17 september 1949, vijf
jaar na het begin van de Spoorwegstaking.


Op twee gedenkplaten zijn de namen van 477 omgekomen spoorwegambtenaren aangebracht.

Afbeelding

De naam van Hendrik staat op de 1e naamplaat.

Afbeelding
Foto's: Romaine 2 mei 2014 (Wikimedia)


Enkele Bronnen:

"Represailles in Groningen 1940 – 1945", In de schaduw van het Scholtenhuis
M. Brinks, J. Kooistra en A. Piersma
Uitgeverij Louise, Grou 2013

aanhendievielen.wordpress.com
commons.wikimedia.org
foto.boxma.com
nl.wikipedia.org
oorlogsgravenstichting.nl
www.4en5mei.nl
www.4meigroningen.nl
www.archieven.nl
www.focusgroningen.nl
www.genealogieonline.nl
www.nicospilt.com
www.ovcg.nl
www.stuut.biz
www.tweedewereldoorlog.nl

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo sep 23, 2018 12:00 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Johannes Cornelis (Jan) VERBERKT (23 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Brabants gesneuvelden


Geboren donderdag 22 september 1921 te Boxmeer (NB)

Zoon van Christiaan VERBERKT en Gertruda Petronella Maria BROEKMANS

Afbeelding
Boxmeersch Weekblad, zaterdag 24 september 1921

Religie: Rooms-katholiek

Beroep: Landbouwer

Ongehuwd

Woonplaats, Boxmeer Rijkevoortseweg 2


De ouders van Jan hadden een gemengd boerenbedrijf. Zij waren gezegend met
negen kinderen, van wie vijf zoons. Jan was de tweede zoon.

Zo vanzelfsprekend vonden zij het hun vee en land te verzorgen, even zo logisch
achten zij het om voor hun land en landgenoten in nood op te komen.

Vanaf eind augustus 1942, na de eerste razzia’s op de joden en na april 1943, de
vervolging van werkweigeraars, gaven zij op hun boerderij onderdak aan joodse
onderduikers en weigeraars van de ‘Arbeitseinsatz’.

Jan en zijn broer Cor raken door deze onderduikers betrokken bij het verzet. Verschafte de boerderij
onderdak aan joden en werkweigeraars, omgekeerd kreeg Jan werklegitimiteit elders. De missionaris-
sen van Mariannhill van het Missiehuis Sint Paul te Arcen (LB) werden zijn werkgever. Veel van deze
kloosterlingen hadden de Duitse nationaliteit en waren voor krijgsdienst opgeroepen. Op deze manier
vervulde Jan zijn "Arbeitseinsatzpflicht" in Arcen, vrijdag dicht bij huis zodat hij zijn vrije dagen thuis
kon doorbrengen en de contacten met zijn verzetsgroep kon voortzetten.

Bewijs van vrijstelling voor werk in Duitsland
Afbeelding
Foto: Lang geleden


Begin september 1944, nog voor ‘dolle dinsdag’, vertoefde de
Duitse veldmaarschalk Model op het klooster te Arcen om de
verdediging van de Westwall te organiseren. Toen Jan aldaar
vernam dat Limburg, van Gennep tot Roermond, zou worden
ingelijfd bij Duitsland, inclusief de invoering van de Reichsmark,
besloot hij definitief het hazenpad te kiezen.
Om niet opgemerkt te worden, stak hij in de avond zwemmend
de Maas over in de buurt van de veerpont Arcen – Broekhuizen.
Hij meldde zich direct bij zijn verzetsgroep en hield zich hoofd-
zakelijk bezig met het strooien van spijkerkoppen en het omzet-
ten van verkeersborden.

Jan zit in deze periode als het ware ondergedoken in zijn ouderlijk
huis, de boerderij.


Afbeelding
Foto: Lang geleden


De bevrijding van Boxmeer 1944

De geallieerden bereikten op 25 september 1944 de linkeroever van de Maas tussen Cuijk
en Boxmeer. De hele winter heeft de linkeroever onder het bereik van Duits artillerie- en
mortiervuur gelegen, de rechteroever lag onder geallieerd vuur.

Rond 12 uur in de middag op dinsdag 26 september 1944 was Boxmeer zonder gevechten
bevrijdt. Op de zelfde dag werd door ooggetuigen gezien dat honderden vliegtuigen hun
bommenlast op de oostelijke Maasoever uitgeworpen hebben. Dit was in de omgeving van
Gennep. Iedere avond trokken de geallieerden zich terug achter de westelijk van Boxmeer
gelegen spoorlijn. Hierdoor kwamen de Duitsers ’s nachts terug om te roven en te plunderen.
Ook legden ze in die periode nog veel mijnen.

De oostelijke oever van de Maas en de stad Venlo waren nog stevig in Duitse handen.
Vanuit deze posities werd Boxmeer regelmatig beschoten. Deze situatie heeft tot februari
1945 geduurd.

De nachtelijke patrouilles van de Nederlandse stoottroepen lagen tijdens hun inzet vrijwel
continue onder Duits mortiervuur. De geallieerden schoten vanaf de westoever mogelijke
observatieposten op de oostoever kapot. De Duitsers bliezen in dezelfde periode tijdens
nachtelijke oversteken van de Maas menig kerktoren op, die als observatieposten voor de
geallieerden dienst konden doen.

Na 26 september 1944 werd Kasteel Boxmeer door Duitse soldaten bestookt met granaten.

Op vrijdag 29 september 1944 lag Boxmeer vanaf ’s middags onder aanhoudend granaat-
vuur. Op deze en de navolgende dagen werd ook de Mazenburg (ook bekend als Kasteel
Boxmeer) zwaar onder vuur genomen van de Duitse soldaten op de oostelijke Maasoever.





Op deze vrijdag, 29 september wordt de uitspanning Mazenburg voor het eerst door het
verzet bezocht. De bewoners, de familie Verdijk, worden on dekking van een witte vlag
geëvacueerd. Ook dan vallen er schoten van de overkant.
De volgende dag, zaterdag 30 september wil men terug. Zeer waarschijnlijk niet op aan-
raden van de Engelsen uit Sint Anthonis. Zij zijn deze dag afwezig en worden afgelost
door de Amerikaanse 7e Pantserdivisie. Deze verschijnen laat in de middag en hebben
geen weet van de aanwezigheid van de groep op Mazenburg. De groep, inmiddels onder
gezag van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten (N.B.S.) afdeling Boxmeer, heeft
versterking gekregen van een aantal 'mensen van buiten'.

Ook Jan bevindt zich bij de groep Mazenburg. Nog steeds eerst in ruiterkledij, rijbroek en
kaplaarzen en later in blauwe overall gaat hij mee op verkenning. Hij krijgt als contactman
tussen diverse posten aan weerszijden van Mazenburg het gevaarlijkste baantje. Zonder
morren kwijt hij zich van zijn taak en pendelt tussen de posten.

Zaterdag 30 september 1944 …

De ochtend verliep probleemloos. Totdat - omstreeks het middaguur –
plotseling een schot kraakte. Jan, die net de twee uitgezette observa-
tieposten langs is geweest, wordt geraakt. Hij valt, maar weet daarop
toch nog met inspanning van zijn laatste krachten kruipend de drempel
van het huis te bereiken.
De anderen van zijn groep zijn verbijsterd. Ze willen dolgraag helpen,
maar beseffen dat ze in feite niets meer voor Jan kunnen doen.
Machteloos moeten ze zien hoe hun makker voor hun ogen sterft …



Het schieten vanaf de overkant was ondertussen gewoon doorgegaan.

De kameraden van Jan beginnen onder vuur aan de terugtocht richting
Boxmeer en worden daar door een afdeling doorgebroken Duitse militairen
krijgsgevangen gemaakt en naar oosten afgevoerd. Tijdens hun terugtocht
steken de Duitsers Mazenburg in brand om zo onder dekking van het ont-
stane rookgordijn de oostelijke oever van de Maas te bereiken.

Het stoffelijk overschot van Jan blijft achter.

Die avond is er een lege plek aan de keukentafel bij moeder Verberkt, de
tafel waaraan zo velen zich laafden. De gehele winter door zal onrust en
onwetendheid hun deel blijven over wat hun zoon Jan en met hem menig
ander is overkomen....


Midden maart 1945, na terugkeer van evacuatie, begeeft Toon Verdijk zich
naar zijn ouderlijk huis aan de Maas om poolshoogte te nemen over de be-
woonbaarheid van Mazenburg.
Op verzoek gaan twee militairen met mijndetectoren voorop; zij worden
vergezeld door de Boxmeerse politieman Habets. Aan de noordelijke zij-
kant op de drempel van het huis vinden zij de overblijfselen van een voor
de helft verkoold menselijk lichaam.
Zonder de identiteit te kunnen vaststellen, worden de resten op de vind-
plaats ter aarde besteld. Wie was deze man?

Wat is het geval: Jan Verberkt had als lid van het verzet zijn ruiterkledij
inmiddels vervangen door de voorgeschreven blauwe overall met sala-
mander armband en was daarom niet te identificeren geweest.
Van de negen vermisten leden van de verzetsgroep is er nu één geloka-
liseerd. Angst en onzekerheid blijven echter onverminderd voortduren.

Eind mei 1945 komt aan het martelende wachten van velen een
einde. Een volkomen vreemde jongeman staat aan de deur van
de familie Verberkt aan de Rijkevoortseweg: Onno Pieters uit
Geleen. Hij is een van de mensen van 'buiten' en behoorde tot
de groep Mazenburg.
In een werkkamp in het oosten van Duitsland heeft hij de oorlog
overleefd. De vreselijke boodschap komt als een mokerslag; de
identiteit van het naast de muur begraven slachtoffer is definitief
die van Jan Verberkt ....



Afbeelding
Boxmeersch Weekblad, zaterdag 16 juni 1945


Op woensdag 13 juni 1945 wordt Jan met militaire eer
begraven op het Rooms Katholieke Begraafplaats te
Boxmeer.

Afbeelding
Boxmeersch Weekblad, zaterdag 16 juni 1945


Veel belangstelling bij de begrafenis van Jan
Afbeelding
Foto: Lang geleden


Bidprentje Jan
Afbeelding
Foto: Lang geleden

Gedeelte van de 2e grafsteen van Jan
Afbeelding
Foto: Graftombe - 4 maart 2009


Jan Verberkt heeft uiteindelijk zijn laatste rustplaats gevonden op het Nationaal
Ereveld te Loenen (Gl) in vak E grafnummer 1416

Afbeelding

Afbeelding
Foto's: André Reijniers - 25 december 2016


De naam van Jan Verberkt staat vermeldt op één van de, later bijgeplaatste, panelen bij het
Joodse oorlogsmonument te Boxmeer.

Afbeelding
Foto: Theo Seijs (4en5mei)


Enkele Bronnen:

"Lang geleden", Boxmeerse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog
C. Peters
Stichting Boxmeerse Oorlogsslachtoffers ’40-’45, Boxmeer 2004

www.4en5mei.nl
brabantsegesneuvelden.nl
oorlogsgravenstichting.n
stamboom-lamers.mioweb.nl
www.bhic.nl
www.boxmeersweekblad.nl
www.tracesofwar.nl

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo sep 30, 2018 12:30 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Alida (Alie) CONTENT - LEVIE (20 jaar)
.

Afbeelding
Alida met haar jongste broertje Max, 6 juni 1940
Foto: Joods Monument


Geboren vrijdag 11 november 1921 te Meppel (DR)

Dochter van Jozef (Jopie) LEVIE en Marianne FINSI.

Het echtpaar kreeg 9 kinderen, waarvan er 2 binnen een jaar na hun geboorte overleden. Alida was het
oudste kind, daarna volgende Benjamin (1923), Grietje 1926), Mozes (1928), Salomon (1932), Herman
(1933) en Max (1940).

Het gezin had een Joodse afkomst. Vader Jopie had in de 1e Hoofdstraat nr. 29, pal naast het gemeente-
huis een Winkel van Sinkel (Huishoudelijke artikelen). Deze winkel heette "De Goedkope Bazar".

Links de winkel van Levie met daarnaast het gemeentehuis, trapje met bordes
Afbeelding
Foto: Oud Meppel


Jopie Levie reisde ook met zijn 'handel' naar markten in de omgeving van Meppel. Hij ging daar heen
met zijn hondenkar. Tevens stond Jopie met een kraam galanterieën op de markt te Meppel. Alie was
regelmatig als verkoopster van deze galanterieën op de markt achter de stal van haar vader te vinden.

Zeer waarschijnlijk heeft zij op deze markt haar latere echtgenoot Eliazer (Eli) ontmoet. Zijn moeder,
Jetje Content - de Leeuwe, stond ook op de markt met een kraam textielwaren.


MEPPEL

Meppel was aan de vooravond van de Duitse inval in mei 1940 een middelgrote joodse gemeente.
De meeste joden woonden in de belangrijkste winkelstraten en waren werkzaam in de handel en
industrie. Uit hun midden werden enige wethouders, gemeenteraadsleden en loco-burgemeesters
gekozen. In de jaren dertig verwierf Meppel de bijnaam 'Klein Rotterdam', dankzij de grote econo-
mische activiteit.

De bezetting

Registratie Joodse inwoners.

Middels de beruchte Verordening 6/1941 werden alle joden vanaf 10 januari 1941 door de bezetter
geregistreerd. In hun persoonsbewijs werd een 'J' geplaatst en men werd verplicht een jodenster te
dragen. Vanaf 29 april 1942 moesten alle joden zo’n ster dragen wanneer ze naar buiten gingen.


Afbeelding
Foto: Joods Monument Meppel


Isolatie – Roof – Deportatie

De volgende stap van de bezetter was een verdere isolatie van de rest van de
Meppeler bevolking: zo werden bijvoorbeeld de joodse winkels gesloten, kinde-
ren mochten niet meer naar school en het zwembad werd verboden terrein. Na
die isolatie ging de bezetter over tot roof van hun bezittingen, en uiteindelijk
volgde: de deportatie. Eerst naar werkkampen, daarna naar Kamp Westerbork.
Dit alles was slechts het begin van het uiteindelijke doel: hun liquidatie in de
vernietigingskampen.


Ondanks de vele Duitse anti joodse maatregelen, waaronder verlies van de winkel,
huwde Alie te Meppel, medio juni 1942, met Eliazer (Eli) CONTENT uit Zwolle (OV).

Afbeelding
Drentsch Dagblad, woensdag 3 juni 1942


Tijdens het huwelijk was Alie in blijde verwachting van hun kind, dat nooit geboren
zou worden.


V.l.n.r. Lion Content, Jetje Conten - de Leeuwe, Eli Content, Alie Levie, Marianne Levi - Finsi, Jopie Levie
Afbeelding
Foto: Joods Monument

Huwelijk Alie en Eli

Zoals gebruikelijk staan op op de foto naast de bruid haar ouders en naast de bruidegom die van hem.

Op de foto is te zien dat het dragen van de Jodenster al verplicht was. Typisch is het overigens dat alleen
de vader van de bruid de ster draagt. Waarschijnlijk hebben de andere familieleden de ster voor deze ge-
legenheid afgedaan en heeft de vader Jopie dat niet gewaagd of niet nodig geacht.

In de beginjaren van de oorlog stroopten Duitse militairen uit Assen op hun eigen houtje joodse huizen af.
Op de dag van het huwelijk van Alie en Eli zouden ze ook het huis van Jopie Levie zijn binnen gedrongen.
Jopie en zijn vrouw hadden alles gedaan om nog wat ingrediënten voor het bruiloftsmaal bij elkaar te krij-
gen. Juist op dat moment dat men aan de maaltijd zou beginnen, vielen de Duitse rovers binnen en namen
alles mee wat van hun gading was. Zelfs de soep was niet veilig voor hen.

Schrijnend is te bedenken dat slechts vier maanden daarna, in de nacht van 2 op 3 oktober 1942 het hele
gezin Levie, zoals bijna alle Meppeler joden, is opgepakt en via Westerbork in Auschwitz is terecht gekom-
en.

WERKKAMPEN

In de zomer van 1942 moesten veel joodse mannen en jongens hun huizen verlaten.
Ze hadden een brief van de gemeente gekregen waarin stond dat ze de volgende dag
naar een werkkamp ergens in Drenthe zouden gaan. De gemeente had zelfs bussen
gehuurd om ze daar allemaal heen te brengen. In die werkkampen was het eten heel
slecht en dat terwijl ze erg zwaar werk moesten doen. Bijvoorbeeld: sloten graven,
heiplaggen steken en aardappels rooien. Vader Jopie kreeg ook een brief. Hij moest
naar het werkkamp in Orvelte. Dit was één van de veertien werkkampen in Drenthe.

Op 2 oktober 1942 kwam Jopie thuis uit het werkkamp voor een paar dagen verlof.
In de avond van 2 oktober 1942 meldden SS-ers zich bij de Joodse werkkampen,
zogenaamd om er te overnachten. Sommige Joodse mannen roken onraad en pro-
beerden te ontvluchten. De familieleden van de kampbewoners waren inmiddels al
door de Duitsers van huis gehaald en ook op transport gesteld naar kamp Westerbork.
Op de ochtend van 3 oktober 1942 werden alle Joodse werkkampen leeggehaald en
werd iedereen naar kamp Westerbork gebracht.

Het merendeel van de joodse inwoners van Meppel werd begin oktober 1942, op Grote
Verzoendag, met medewerking van de Nederlandse politie opgepakt en gedeporteerd.
Ook de familie Levie, Vader, moeder en zes van hun kinderen, waaronder Alie, vertrok-
ken op 3 oktober 1942 uit Meppel.

Naar het station

De Meppeler joden werden in de nacht van 3 oktober 1942 naar het station gebracht.
’s Ochtends, om ongeveer acht uur, stapten ze in de trein die hen naar Westerbork zou
brengen.

Vrijwel alle 250 joodse inwoners van Meppel uit hun huis gehaald en naar het doorgangs-
kamp Westerbork vervoerd. De meesten zijn uiteindelijk in Auschwitz vermoord. Slechts
achttien van hen keerden terug.

Op weg naar Auschwitz

Westerbork was een soort ‘tussenstation’. De meeste mensen bleven daar maar een
paar dagen. Sommigen wat langer, maar meestal werden ze meteen in goederenwa-
gons weggevoerd naar Auschwitz.


Afbeelding
Foto: Anne Frank


In Auschwitz

De reis van Westerbork naar Auschwitz duurde drie dagen en was meer dan verschrikkelijk.
De mensen zaten in een vieze, donkere, volgepakte trein met een ton als toilet. Er was geen
eten en maar een klein beetje te drinken, uit een soort regenton. Toen de trein in Auschwitz
aankwam werden de joodse mensen met stokken uit de trein geslagen. Daarna moesten ze
in rijen gaan staan tot de kamparts kwam.

Auschwitz: wachten op selectie, na aankomst en het verlaten van de trein .…
Afbeelding


De kamparts zocht uit wie meteen dood gemaakt moest worden en wie nog een poosje mocht
blijven leven. Zieken en oude van dagen werden op vracht-auto’s geladen terwijl de vrouwen
en kinderen moesten lopen naar de gaskamers waar zij direct werden vermoord.......

Auschwitz: vrouwen en kinderen "ongeschikt om te werken" gingen rechtstreeks naar de gaskamer ….
Afbeelding
Foto's: Yad Vashem


Alleen de volwassen mannen en jongens werden niet meteen vermoord omdat ze eerst nog een
poos voor de Duitsers aan het werk werden gezet. Uiteindelijk vonden ook zij de dood. Er is geen
Meppeler jood uit Auschwitz of de andere vernietigingskampen in Meppel teruggekomen.


Er zijn geen aanwijsbare laatste rustplaatsen van hen die in Auschwitz zijn vermoord.

Alie is, met haar ongeboren kind, op woensdag 7 oktober 1942 omgebracht.

De naam van Alida Content-Levie is bijgeschreven in Gedenkboek nr. 9 van de Oorlogsgravenstichting.


De overige familieleden,

Moeder Marianne (43 jaar), Grietje (15 jaar), Mozes (14 jaar), Salomon (10 jaar), Herman (9 jaar) en
Max (2 jaar) vonden op donderdag 8 oktober 1942 de dood in Auschwitz.

Vader Jopie (46 jaar) liet het leven op dinsdag 31 augustus 1943 ergens in Midden Europa.
Zoon Benjamin (21 jaar) kwam op vrijdag 31 maart 1944 om het leven ergens in Midden Europa.

Lion Content, de vader van Eli stierf op zondag 28 februari 1943 te Auschwitz.

Auschwitz
Afbeelding
Foto: City-Discovery


Alleen Eli Content, de man van Alie, wist – net als zijn moeder - de dans te ontspringen. Eli bleef tot begin
1945 in Blechhammer. Het kamp werd op 21 januari 1945 geevacueerd naar het concentratiekamp Gross-
Rosen, waar men op 2 februari 1945 arriveerde. Ongeveer 800 gevangenen werden gedood door de SS
tijdens de dodenmars van Blechhammer naar Gross-Rosen. Eli Content overleefde die dodenmars.


Joods monument te Meppel

Het 'Joods monument' in Meppel is opgericht ter nagedachtenis aan 232 joodse medeburgers die tijdens
de Tweede Wereldoorlog door de bezetter zijn gedeporteerd en in concentratiekampen zijn omgebracht.
De namen van de slachtoffers staan op de 16 panelen.


Afbeelding


Oprichting

De oprichting van het oorspronkelijke monument was een initiatief van de heer H. Bakker. Eind jaren
negentig ontwikkelde de Stichting Joods Monument Meppel een initiatief om het bestaande gedenkteken
uit te breiden.

Onthulling
Het monument is onthuld in 1970. Het gedenkteken is in 1999 uitgebreid en op 30 september van dat
jaar opnieuw onthuld.

Afbeelding
Foto's: Pa3ems, 24 november 2010 (Wikimedia)


Afbeelding
Foto: Joods Monument Meppel


Stolpersteine

Sinds 20 april 2011 zijn in Meppel in de bestrating voor de laatst bekende adressen van 67 Joden
Stolpersteine geplaatst. Op de Stolpersteine staan de naam, geboortedatum en de datum en de
plaats waar hij of zij is vermoord.

De 9 Stolpersteine van de familie Levie zijn geplaatst voor het huis 1e Hoofdstraat 29 te Meppel.

Afbeelding


Afbeelding
Foto's: Pa3ems, 11 oktober 2012 (Wikimedia)


Bronnen:

alledrenten.nl
nl.m.wikipedia.org
oorlogsgravenstichting.nl
www.4en5mei.nl
www.annefrank.org
www.city-discovery.com
www.drentheindeoorlog.nl
www.dvhn.nl
www.joodsmonument.nl
www.joodsmonumentmeppel.nl
www.joodsewerkkampen.nl/
www.maxvandam.info
www.oudmeppel.nl
www.yadvashem.org

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo okt 07, 2018 10:00 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Tommy George Egberts (Tom) BELLONI (21 jaar)
.

Afbeelding
===== Geen foto beschikbaar =====


Geboren dinsdag 24 october 1922 te Batavia, Java, Nederlands Oost Indië (NOI).

Afbeelding
Bataviaasch Nieuwsblad, woensdag 25 october 1922

Zoon van:
George Ferdinand BELLONI en Antoinette Johanna Amalia Angelina VERHAGE.

In het gezin was Tommy de jongste zoon van vier kinderen.


Tom was in dienst van de Koninklijke Marine als matroos der 3e klasse met als
stamboeknummer 20662.


Na de capitulatie van de strijdkrachten in NOI is hij met vele anderen door de Japanner krijgsgevangen
gemaakt. Na geruime tijd in Makassar op Celebes geïnterneerd te zijn geweest is Tom met ongeveer
500 Nederlandse marinemannen en 300 Engelse overlevende van HMS Exeter overgebracht naar Japan
aan boord van het Japanse troepentransportschip Asama Maru 1.

De Asama Maru 1 (1929-1944) van 16.975 ton, was een luxe-passagiersschip van de lijn Yokohama-San
Francisco met een maximum snelheid van 17 knopen. Het schip was in 1941 door de Japanse marine in
gebruik genomen als troepentransportschip. Het vertrok op 14 october 1942 met ongeveer 800 krijgsge-
vangenen uit Makassar naar Japan. De groep krijgsgevangenen bestond bijna geheel uit overlevenden
van de Slag in de Java-Zee, waaronder ongeveer 500 Nederlanders en 300 Engelsen. Het schip werd in
de Straat van Makassar nog geëscorteerd door een Japans fregat, maar daarna voer het zonder escorte,
westelijk van de Filippijnen, af en toe zig-zag varend.


De Asama Maru in oorlogskleuren 1942-1944
Afbeelding
Foto: Pinterest

Op 23 october 1942 kwam het schip aan in de haven van Nagasaki; op 24 october 1942 gingen de krijgs-
gevangenen met landingsvaartuigen aan wal en kwamen aan in het krijgsgevangenkamp Fukuoka 2B (ook
wel aangeduid als Koyagi Shima), een scheepswerf op het eilandje Koyagi Shima in de baai van Nagasaki.
Hier moesten de mannen dwangarbeid verrichten in de scheepsbouw, de scheepsreparatie en bij de aanleg
van een dok in een rotsformatie.


In totaal hebben circa 36.000 geallieerde krijgsgevangenen in Japan moeten werken. Daaronder bevonden
zich circa 8000 Nederlanders en Indische Nederlanders. De krijgsgevangenenkampen waren over heel Japan
verspreid. De meeste kampen bevonden zich evenwel in de omgeving van de stad Nagasaki op het op twee
na grootste eiland Kyushu.

Alle kampen op dit eiland behoorden tot het legeronderdeel dat in de stad Fukuoka zijn hoofdkwartier had
en droegen daarom de naam Fukuoka gevolgd door een nummer.

Zo lag het kamp Fukuoka 14 in Nagasaki en kamp Fukuoka 2 op het eiland Koyagi in de baai van Nagasaki.


De mannen van Fukuoka 14 waren aangewezen om te werken op de Mitsubishi werf en die van Fukuoka 2
moesten dat doen op de Kawamina werf.


Vanuit andere kampen moesten de krijgsgevangenen werken in zeer oude gebrekkige kolenmijnen.
De meeste hebben ’s winters onder bittere kou geleden en kregen weinig te eten. Zij waren in tropenkle-
ding in Japan gearriveerd en kregen vrijwel geen aanvullende kleding. Ten gevolge daarvan stierven velen
aan longontsteking. In totaal zijn er 91 Nederlandse marinemannen als gevolg van ontberingen, bedrijfs-
ongevallen, ziekten en geallieerde luchtaanvallen in Japan overleden, waarvan 41 in kamp Fukuoka 2.


POW kamp Fukuoka 2 (5 september 1945)
Afbeelding
Foto: Mansell


De Japanners registreerden alle krijgsgevangenen. Veel gegevens waren echter
onvolledig. Het Rode Kruis probeerde de familie in te lichten middels advertenties
in vrijwel alle landelijke en regionale kranten.


Afbeelding
Afbeelding
De Tijd, zaterdag 1 mei 1943


Tom BELLONI is op verleden op zaterdag 14 october 1944 als gevolg van een
darmziekte in het krijgsgevangenenkamp Fukuoka 2 te Japan.

Het stoffelijk overschot van Tom is gecremeerd. Zijn asresten zijn na de oorlog
overgebracht naar het Nederlandse Ereveld Menteng Pulo te Jakarta op Java,
Indonesië.

Zijn asbus is geplaatst in het Columbarium O 7.


Afbeelding
Foto: Oorlogsgravenstichting, 2005


Monument slachtoffers van krijgsgevangenkamp Fukuoka 2.

Op zondag 13 september 2015 is in de Japanse stad Nagasaki een monument onthuld ter herinnering
aan de 73 slachtoffers uit het krijgsgevangenkamp Fukuoka 2. Deze slachtoffer kwamen uit Nederland,
Amerika, Australië en Engeland.

Onder de krijgsgevangenen bevonden zich enige honderden voornamelijk jonge Nederlandse marine-
mannen en KNIL-militairen die in maart 1942 krijgsgevangen werden gemaakt. Deze gevangenen wer-
den eerst in Makassar geïnterneerd en in october 1942 overgebracht naar Nagasaki, waar zij indertijd
gedwongen werden om, onder zeer slechte omstandigheden, in de scheepsbouw te werken.
Van de Nederlandse krijgsgevangenen zijn er 41 gestorven gedurende de periode van hun gevangen-
schap. In de loop van 1945 kwamen de overlevenden van Fukuoka-2 thuis. Velen daarvan kwamen pas
in december.

Uniek en bijzonder aan het gedenkteken is de grondslag ervan. Het is namelijk geïnitieerd en verder
uitgewerkt door Japanse burgers en gefinancierd door Japanse en Nederlandse donateurs en sponsoren.
Het is daarmee een gedenkteken dat in alle openheid het leed dat door het Japanse leger aan krijgsge-
vangenen en hun familie is aangedaan herdenkt en dat blijvend zichtbaar zal zijn. De onthulling vondt
plaats in aanwezigheid van o.a. overlevenden van Fukuoka 2, nabestaanden van krijgsgevangenen,
Japanse burgers waaronder schoolkinderen en vertegenwoordigers van de verschillende betrokken
overheden.

Op de locatie van Fukuoka 2 bevindt zich nu de Koyagi Jima Junior High school. Daarmee is ook de
locatie van het herdenkingsmonument symbolisch. Hiermee zal het een tastbaar bewijs van erken-
ning vormen van de feiten en daarmee bijdragen aan de juiste geschiedschrijving én aan verzoening.


Fukuoka 2 POW memorial
Afbeelding

Afbeelding
Foto's: Mansell


Prinses Laurentien is donderdagmorgen haar tweedaagse bezoek aan Japan begonnen met herdenken
en heeft op 23 november 2017 het gedenkteken voor de slachtoffers van het krijgsgevangenenkamp
Fukuoka 2 in Nagasaki bezocht.


Afbeelding
Foto: Blauwbloed, 23 november 2017



Enkele Bronnen:

"Gedenkrol van de Koninklijke Marine 1939-1962"
en het niet gepubliceerde "Supplement" op deze gedenkrol.
H.J. Floor †, Weesp, 2004.

blauwbloed.eo.nl
indisch4ever.nu
oorlogsgravenstichting.nl
www.awm.gov.au
www.derbysulzers.com
www.japansekrijgsgevangenkampen.nl
www.pinterest.ch

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo okt 14, 2018 4:00 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Johan Willem Yoshitaro (Taro) ROEPER BOSCH (26 jaar)
.

Afbeelding
===== Geen foto beschikbaar =====


Geboren zondag 31 januari 1915 te Den Haag (ZH).

Afbeelding
Rotterdamsch Nieuwsblad, donderdag 4 februari 1915

Zoon van:
Pieter Antonie ROEPER BOSCH en Agneta Helena Julia RENS

Het gezin bestond naast Taro uit de dochters Sophia Wilhelmina (1917)
en Eva Helena (1920).


Taro was van oorpsrong reserve 2e luitenant bij het Korps Rijdende Artillerie.

Afbeelding
Nederlandsche Staatscourant, nr. 251, woensdag 28 december 1938


Afbeelding
Algemeen Handelsblad (A.B.) maandag 20 februari 1939


Tijdens de mobilisatie 1939-1940 volgde hij de opleiding tot leerling vlieger en was
geplaatst bij de elementaire Vliegschool te Vlissingen, op vliegveld Vlissingen, beter
bekend als vliegveld Souburg.


Op deze vliegschool bracht men de leerlingen de eerste beginselen bij van de vlieg-
kunst. Dat ging niet altijd even goed zoals hieronder is te lezen.

Afbeelding
De Zeeuw, dinsdag 24 october 1939

De elementaire vliegschool beschikte over lestoestellen van het type Fokker S-IV
(1924-1940) en het type Fokker S-IX (1937-1940).

Het is niet duidelijk met welk type toestel het ongeval in october 1939 heeft plaats-
gevonden.

Afbeelding
Zierikzeesche Nieuwsbode, zaterdag 18 november 1939


Fokker S-IX nr. 37 van de vliegschool te Vlissingen in 1939. Op de voorgrond leerling vlieger,
sergeant G. Emmens
Afbeelding
Foto: Beeldbank NIMH


Mei 1940

Evacuatie van de elementaire vliegopleiding vanaf vliegveld Souburg.

Kort na de Duitse inval op vrijdag 10 mei 1940, was een vliegplan voor de eventuele evacuatie
opgemaakt voor de toestellen van de vliegschool met als bestemming het Franse vliegveld Berck-
sur-Mer, op circa 45 kilometer ten zuiden van Boulogne. Daar er geen Belgische en Franse kaar-
ten beschikbaar waren, moest het vliegveld worden gevonden door de kustlijn te blijven volgen.
Op 14 mei omstreeks tien uur ontving kapitein Janssen, de vliegpark commandant, opdracht van
de Commandant in Zeeland, de Schout bij nacht H.J. van de Stad, om de vliegtuigen en de leer-
lingen van de vliegschool onmiddellijk naar Frankrijk te laten vertrekken. De overige militairen
van het vliegpark zullen de toestellen volgen met de auto colonne over de weg richting Caen.

Op 14 mei 1940 vertrokken er in totaal 23 vliegtuigen: 15 Fokker S-IX’s (s/n 32, 34, 35, 36, 37,
38, 40, 41, 43, 44, 45, 46, 47, 48 en 49) en 8 Fokker S-IV’s (s/n 103, 104, 107, 112, 116, 117,
126 en 128).

De vliegtuigen werden bemand door instructiepersoneel en een aantal leerling vliegers, aangevuld
met technisch grondpersoneel.

De Fokker S-IX nr. 37 werd gevlogen door Taro Roeper Bosch met als passagier de leerling
vlieger, reserve 2e luitenant Hendrik Jan Voorspuy.

Uit het verslag van Taro Roeper Bosch:

Bij mijn toestel, de Fokker S-IX s/n 37, brak boven de Franse grens de krukas van de motor,
waardoor ik genoodzaakt was het toestel bij Bray-Dunes op het strand te zetten.

Verder vernam ik later dat er een Fokker S-IV ergens bij Bay-Dunes in de duinen moest liggen,
doch daar mijn opdracht Berck was, heb ik mij ten spoedigste daarheen begeven per auto van
het 310e Franse Regiment infanterie, het aan hen overlatend mijn toestel te zoeken.

Te Berck zijn hedenmorgen 17 toestellen gestart in opdracht van de commandant aldaar met
bestemming Tours (tussenlanding te Chartres).

Daar er voor ons geen toestel vliegklaar was, ben ik per trein naar Parijs gegaan met mijn
passagier, de luitenant Voorspuy, op weg naar Tours.



De Fokker S-IX nr. 37 door Taro achtergelaten op het strand in Frankrijk, met enige Duitse soldaten
Afbeelding
Foto: Luchtvaart

Te Parijs melden de twee vliegers zich bij de Nederlandse militaire attaché. Voorspuy reist enige tijd
later door naar Tours. Taro blijft ter beschikking van de militaire attaché om teruggetrokken Neder-
landse militairen die zich komen melden door te sturen naar de Franse kustplaatsen om vandaar uit
over te steken naar Engeland.

Op 21 mei is er door Taro nog telefonisch contact met het detachement van de vliegschool in Frankrijk.
Hij geeft aan dat hij naar Londen vertrekt.

Hoe Taro de oversteek naar Engeland maakt is niet duidelijk. In ieder geval niet met het overige per-
soneel van de vliegschool.

Taro krijgt in Engeland aangekomen bij de RAF een vervolg opleiding als vlieger en wordt na het einde
van de opleiding, begin 1941, geplaatst bij het 611 RAF Squadron.
Ook enkele andere Nederlandse vliegers zijn geplaatst bij dit squadron. Veel van de Nederlandse vlie-
gers kregen een 'koosnaam', niet in de laatsteplaats omdat het uitspreken van hun namen voor veel
Britse vliegers moeilijk was.
In het 611 Squadron stonden Nederlanders vliegers Jan Bruinier bekend als Bruno, André Buys
alsVice, Dick van den Honert als Honey en Taro Roepert Bosch als Ropy.


Zomer 1941

Het 611 Squadron is vanaf 27 januari 1941 tot 20 mei 1941 gestationeerd op RAF Station Hornchurch
in Essex. Na een korte stationering op RAF Rochford, ook in Essex, is men vanaf 16 juni 1941 weer op
Hornchurch terug. Het squadron vliegt met Spitfire's Mk. Vb en is vrij actief met operaties in het kanaal
en aan de Franse kust.

Een gedeelte van de 611 Squadron vliegers op RAF Station Hornchurch in mei 1941
Afbeelding
Foto: 611squadron


Model van een Spitfire Mk. Vb, W3257, zoals gebruikt door 611 Squadron, zomer 1941
Afbeelding
Foto: spitfiresite


October 1941

Taro (Ropy) vliegt als Pilot Officer bij het Squadron, met als servicenr. 89295.

Op dinsdag 21 october 1941 is er een Sweep boven het kanaal en bij de
Franse kust. Taro vliegt in zijn Spitfire nr. W3227. Tijdens deze Sweep
wordt hij neergeschoten door een Duitse Messerschmitt Bf 109 nabij het
Franse Hardelot in departement Pas-de-Calais. De gemeente maakt deel
uit van het arrondissement Boulogne-sur-Mer. Het toestel stort in zee.
Het lichaam van Taro wordt geborgen en begraven in Berck-sur-Mer op
de gemeentelijke begraafplaats.

De familie ontvangt via het Rodekruis in december 1941 het bericht over
het sneuvelen van Taro op dinsdag 21 october 1941.

Afbeelding
Algemeen Handelsblad (A.B.), maandag 22 december 1941.


In januari 1950 wordt Taro bijgezet in het familiegraf op de begraafplaats
Oud Eik en Duinen te Den Haag.


Afbeelding
Haagsche Courant, donderdag 26 januari 1950


Afbeelding

Afbeelding
Foto: ww2cemeteries



Enkele Bronnen:

"Nederlandse Spitfires", In cijfers en letters
H. van der Meer
Uitgeverij Lanasta, Emmen, 2016

"Eenige Wakkere Jongens", Nederlandse oorlogsvliegers in de
Britse luchtstrijdkrachten 1940 – 1945
E. van Loo
Uitgeverij Boom, Amsterdam. Tweede druk: december 2013

"De Luchtverdediging mei 1940", Band I en Band II
F.J. Molenaar
Staatsuitgeverij, ’s-Gravenhage, 1970.

"Het Wapen der Militaire Luchtvaart in de Engelse periode 1940 - 1945",
J. Tammes
Staatsdrukkerij- en Uitgeverijbedrijf, 's-Gravenhage 1961.

"Naam- en Ranglijst der Officieren - 1940"
Departement van Defensie
J. Noorduyn en Zn., Gorinchem 1940


allspitfirepilots.org
db.wingstovictory.nl
en.wikipedia.org
nimh-beeldbank.defensie.nl
oorlogsgravenstichting.nl
www.611squadronrauxaf.co.uk
www.nederlandseluchtvaart.nl
www.ww2cemeteries.com

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo okt 21, 2018 10:30 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Miente VIERSEN (34 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Werelate


Geboren woensdag 16 maart 1910 te Lutjegast, gemeente Grootegast (GR).

Zoon van Folkert VIERSEN en Maria Wilhelmina DIJKSTRA.



Op vrijdag 20 mei 1938 te Grootegast gehuwd met Hiltje SNIP.


Hiltje en Miente in 1938
Afbeelding
Foto: Stamboom Snip

Uit dit huwelijk geboren Folkert, Aly, Marie, Femmy en Henk.

Het gezin woonde te Een-West, gemeente Norg (DR) op de Schansweg 5.

Miente was binnen de plaatselijke gemeenschap een bekend persoon. Hij hield
zich o.a. bezig met werk voor de gereformeerde kerk en was lokaal bestuurder
van de Nederlandse Christelijke Landarbeidersbond.

Miente is betrokken geraakt bij een mislukte wapendropping in september 1944.

Aan het eind van de zomer van 1944 werden door de geallieerden in de buurt van
het Drentse dorp Een wapens gedropt t.b.v. het verzet. Dat was bij Allertsoog op
een locatie in het wat verder weg gelegen Fochteloërveen.
Bij de dropping bij Fochteloo was de Knokploeg (KP) Noord-Drenthe betrokken,
samen met die van Smilde. Ook een aantal gestichtwachters, verbonden aan de
Rijkswerkinrichtingen te Veenhuizen, nam er aan deel.

De dropping vond plaats op maandag 11 september 1944. Doordat vermoedelijk
het afwerpmechanisme in het vliegtuig haperde, kwamen de containers helaas
niet op de juiste locatie neer, maar veel verder weg. De opvanggroep verliet
teleurgesteld het aangewezen terrein, ze wisten niet dat de wapens wel waren
afgeworpen.

Miente Viersen die dag een vracht turf ophalen voor o.a. bakker Fokkema uit
Haulerwijk en stuitte daarbij op parachutes en containers met wapens.
Geholpen door Aitze Hoks en Andries Veen, beide uit Haulerwijk, laadden ze de
wapens op de wagen. Ze stapelden de turf er bovenop om hun vondst te verber-
gen.
Alledrie de mannen hebben een deel van de gevonden wapens meegenomen naar
huis.

Andere vervoerder en veenarbeiders waren getuige hiervan en het duurde niet
lang of het werd al snel in brede kring bekend. Ook de namen van Hoks, Veen
en Miente Viersen werden daarbij genoemd. Dit kwam ook de Landwacht ter ore
en daardoor uiteraard ook de Duitsers.

In de tweede helft van september 1944 zou Miente zijn verhoord door de Duitser,
al menen sommigen dat het ondergrondse verzet, verkleed in Duitse uniformen
aan de deur was geweest, op zoek naar de wapens. Het zelfde zou gebeurd zijn
bij Derk ter Veld en andere inwoners in Een-West. Dat was natuurlijk al een waar-
schuwing en vrienden raadden Miente met klem aan om onder te duiken.
Miente wilde dat niet, misschien omdat er in zijn gezin kort daarvoor een kleine
was geboren.

Door loslippigheid en waarschijnlijk verraad waren de namen Ter Veld, Veen en
die van Miente, bekend geworden bij de Sicherheitsdienst (SD) en de Landwacht.

In de ochtend van zaterdag 21 october 1944 werden Miente Viersen en Derk ter
Veld opgepakt. Bij beiden werden wapens aangetroffen. Diezelfde morgen werd
in Haulerwijk Andries Veen gearresteerd. Alle drie werden naar het beruchte
Scholtenhuis in Groningen gebracht.
De mannen moeten vreselijk zijn mishandeld om zo een bekentenis af te dwingen.

Al na enkele dagen werden de drie overgebracht naar het Kamp Westerbork.
Daar is Miente met zes andere verzetsmensen op zaterdag 28 october 1944
gefusilleerd en op dezelfde dag gecremeerd.

De slachtoffers:

Iman van den Bosch, 53 jaar,
Jochem Gorter, 39 jaar,
Henk Ridder, 26 jaar,
Henri Rots, 46 jaar,
Adriaan Veen, 23 jaar,
Derk ter Veld, 24 jaar,
en
Miente Viersen, 34 jaar.



Een oproep om inlichtingen te verstrekken ...

Afbeelding
Ons Noorden, donderdag 21 juni 1945



Het droevige bericht dat Miente al in october 1944
is overleden.

Afbeelding
Dinsdag 30 october 1945 (onbekende krant) (Werelate)


Op vrijdag 2 november 1945 werd een urn met daarin de as van 45 slachtoffers, waaronder Miente Viersen,
met militaire eer bijgezet in vak S op de begraafplaats Esserveld aan de Esserweg in Groningen.


Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Provinciale Drentsche en Asser courant, zaterdag 3 november 1945


Het Oorlogsmonument Esserveld is een gedenkteken op begraafplaats Esserveldin de stad Groningen, dat
is opgericht ter herinnering aan ruim veertig tijdens de Tweede Wereldoorlog in Westerbork gefusilleerde
Nederlandse verzetsstrijders.
Het monument werd ontworpen en vervaardigd door de Groninger beeldhouwer Willem Valk (1898-1977).

Het monument is een in witte natuursteen uitgevoerde sculptuur van een uit een urn verrijzende vrouwen-
figuur, die het uit de dood oprijzende leven symboliseert. Het beeld staat op een zandstenen sokkel, waar-
op een ingelijst gedicht is geplaatst. Om het voetstuk heen staat een eveneens grotendeels uit zandsteen
vervaardigde u-vormige muur. Hierop zijn aan de binnenzijde gedenkstenen met de namen van 43 verzets-
strijders aangebracht.

Het monument op het Esserveld werd op 4 mei 1948 op sobere, doch treffende wijze onthuld. Dat werd
gedaan door mevrouw M.H.J. Stouten-de Wilde, een van de drijvende krachten achter de totstandkoming
van het gedenkteken.

Afbeelding

Afbeelding
Foto's: Wutsje,6 april 2010 (Wikipedia)

In februari 1951 werden, deze keer in alle stilte, urnen met de as van nog negen in Westerbork gefusilleer-
de verzetsstrijders in het monument bijgezet.


Op de begraafplaats te Een, aan de Vennootsweg 2, is een oorlogsmonument geplaatst ter herinnering
aan de gevallenen uit Een en Een-West.

Het monument heeft de vorm van een grafzerk waarop de namen staan vermeld van de slachtoffers.
Boven de namen staat een kruis, links en rechts van de namen de jaartallen 1940 en 1945. De grafzerk
is gemaakt van graniet.

Het monument is onthuld op 4 mei 1953.

Afbeelding
Foto: Mejala, 17 april 2014 (Wikipedia)


Een gedeelte uit: De Laatste Nedernazi,

door Arnold Karskens,
5 februari 2013

De gebroeders Faber

Het rustige bestaan van de gebroeders Faber werd in juni 1944 wreed verstoord toen vader Pieter Faber,
een notoire NSB-er, werd doodgeschoten door verzetstrijdster Hannie Schaft, bekend als ‘het meisje met
het rode haar’. Bij Klaas en zijn twee jaar oudere broer Pieter ontstond ‘een laaiend wraakgevoel’ volgens
een Nederlands reclasseringsrapport. Ze gingen zich te buiten aan martelingen en liquidaties toen ze als
Wachtmeesters der Staatpolitie werden gedetacheerd in Groningen bij een regionale afdeling van de Duit-
se geheime politie, de Sicherheitspolizei(SIPO) en de geheime dienst, de Sicherheitsdienst (SD).

Zo begeleidde Klaas-Carel Faber vijf verzetsmensen; Johannes Borgdorff, Derk Breukelaar, Roelof Raders-
ma, Johan Wagenaar en Andries Wedzinga naar hun executieplaats in Exloo op 19 september 1944. Aan
gekomen moesten de arrestanten op hun buik liggen waarna het vuurpeloton, onder wie Klaas-Carel, zich
opstelde.
‘Ik durfde echter de consequentie van niet schieten eigenlijk niet te aanvaarden. Zodoende had ik mijn
pistool dus ook gereed’, verklaart hij later. Zijn broer Pieter zou in zijn plaats hebben geschoten. Mede-
schutter Helmut Schäper wijst echter naar Klaas-Carel Faber die volgens hem ‘één’ persoon doodschoot.
Ook een ander lid van het executiepeloton wijst in zijn richting. ‘Ik ben van mening dat Faber ook één
persoon heeft doodgeschoten.’

Een maand later, op 28 oktober 1944, werkte Klaas-Carel Faber in het Drentse gevangenenkamp Wester-
bork samen met zijn broer opnieuw mee aan een executie. Omdat ze niet over de vereiste karabijn en
staalhelm beschikten, werden die snel gezocht. In een latere verklaring aan de Duitse justitie meldt Klaas-
Carel Faber:
‘Tegenover werd op ongeveer vijf meter afstand de arrestanten opgesteld. Ik heb mee geschoten, of ik
een van de arrestanten heb geraakt kan ik niet zeggen. Nadat het executiepeloton had geschoten, zijn
de gevangenen door leden van de Ordnungspolizeidoor pistoolschoten in het hoofd nachgerichtet.’
De lijken van de verzetsmensen Iman Van den Bosch, Jochem Gorter, Hendrik Ridder, Henri Rots, Adriaan
Veen, Derk ter Veld en Miente Viersen werden verbrand in het crematorium van Westerbork.

In een litanie aan terreur was Faber verder onder andere betrokken bij de executie van de verzetslieden
Esmeé van Eeghen, Luitje Kremer, Krijn van der Helm en elf arrestanten op 8 april 1945 in Norg. Ook nam
Klaas-Carel Faber deel aan razzia’s, zoals op 3 maart 1945 in Grijpskerk waarbij twee onderduikers werden
doodgeschoten. Tussen de bedrijven door leefde hij zich met knuppels en stokken, samen met broer Piet,
uit op verdachten in het SIPO en SD-hoofdkwartier, het Scholtenhuis, op de Grote Markt in Groningen.

In de rechtszaak na de oorlog werd hem het medeplegen van 22 moorden ten laste gelegd. Volgens justitie
hebben de broers ‘belangrijk meer moorden en doodslagen op hun geweten… Ze waren in feite beroeps-
moordenaars geworden, die nog op een heel ander niveau stonden dan onze Silbertanne-klanten.
De Silbertanne–moorden waren represailles op anti-Duitse elementen waarvan er ruim 50 werden gepleegd.
Het verweer van Faber dat de executies rechtmatig waren omdat het partizanen betrof, houdt geen stand,
want de geëxecuteerden hebben nooit een proces gehad. En evenmin dat vanaf september 1944 Hitlers
Niedermachungsbefehl bestond waarbij op verdenking van verzetsactiviteiten al de kogel stond.


Afbeelding
Nieuwsblad van het Noorden, maandag 9 juni 1947


Op 9 juni 1947 werd tegen Klaas-Carel Faber de doodstraf uitgesproken wegens ‘hulp aan de vijand’ en
‘meervoudige moord tezamen en in verenging na kalm beraad en rustig overleg, opzettelijk en met voor-
bedachten rade van het leven te beroven.’ De straf werd op 14 januari 1948 omgezet in levenslang.

Pieter Faber werd op 10 juli 1948 geëxecuteerd voor de moord op 27 personen.

Zelf verhuisde Klaas-Carel naar de Koepelgevangenis in Breda. Tweede Kerstdag 1952 tijdens het draaien
van een film sloop hij met zes andere veroordeelde oorlogsmisdadigers, onder wie SS’er Herbertus Bikker,
naar het kolenhok, pakte twee ladders en klom over de muur. Handlangers met auto’s vervoerde het zeven-
tal linea recta naar Duitsland. Nederland vroeg om uitlevering en tussen half januari en begin april 1953 zit
Faber vast, maar het Duits gerecht in Düsseldorf verwierp het verzoek, onder andere omdat Faber door een
verordening ‘Erlass des Führers’ van 19 mei 1943 aanspraak kon maken op de Duitse nationaliteit.


Alleen Duitse getuigen.

Haarlems Dagblad-verslaggever Cees van Hoore meent echter dat Faber die heeft vergaard omdat twee
functionarissen van de zogenaamde Einwanderer Zentralstelle voor de rechter een valse verklaring afleg-
den over niet-bestaande Duitse voorouders van Faber. ‘Daarover is een uitgebreid rapport gemaakt door
een hoogleraar in München, waarmee nooit iets is gedaan.’ In 1957 kreeg Klaas-Carel een nieuw proces
voor het landgericht in Düsseldorf en werd vrijgesproken van Totschlags. De vraag rijst of er sprake was
van een rechtmatige rechtsgang. Niet alleen was Faber in Nederland al veroordeeld voor moord en de deel-
name aan moord, wat een tweede proces voor dezelfde feiten volgens internationaal recht onrechtmatig
maakt. In het proces in Düsseldorf werden alleen Duitse getuigen gehoord die niet onwelwillend tegenover
Faber stonden. Belastende verklaringen van Nederlanders kwamen niet voor in het dossier.

Na deze dubieuze vrijspraak vond Klaas-Carel Faber emplooi bij de Audi-fabfrieken in het Beierse
Ingolstadt en sindsdien woonde hij in de wijk Piusviertel in een flatgebouw in de Rossinistrasse.
Hij overleed in mei 2012. Spijt heeft hij nimmer betuigd......


Enkele bronnen:

"Represailles in Groningen 1940 - 1945"
M.Brinks en J. Kooistra
Uitgeverij Louise, Grou 2013

"Het Scholtenhuis 1940 -1945", Deel 1: Daden
M. Brinks
Profiel Uitgeverij, Bedum 2009

"Een in de Oorlog", Kroniek van een Noord-Drents dorp
J. van den Berg
Uitgeverij Noordboek, Groningen 2005


alledrenten.nl
allegroningers.nl
nl.wikipedia.org
oorlogsgravenstichting.nl
reportersonline.nl
roderjournaal.nl
thekarskenstimes.com
www.archieven.nl
www.historischlutjegast.nl
www.openarch.nl
www.werelate.org

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo okt 28, 2018 3:45 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Arie APPELDOORN (38 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Westbetuwe


Geboren maandag 12 februari 1906 te Herwijnen (GL).

Zoon van Gerrit APPELDOORN en Sientje COUZIJN.

Arie was het 6e kind van in totaal 9 kinderen.
Van de 9 kinderen zijn er 4 op zeer jonge leeftijd zijn overleden.


Arie Appeldoorn is 28 maart 1925 vanuit Gorinchem vertrokken naar Den Helder
en in dienst getreden bij de Koninklijke Marine als matroos. Hij kreeg stamboek-
nummer 9043.

Na zijn opleiding in Den Helder ging hij op 6 mei 1926 naar Vlissingen waar hij
zijn vervolgopleiding kreeg. Hij werd geplaatst op het Wachtschip.

Afbeelding
Vlissingsche Courant, woensdag 19 mei 1926


Wachtschip te Vlissingen
Afbeelding
Foto: Legerplaats

Na het einde van zijn opleiding is hij naar Nederlands Indië vertrokken om daar
aan boord van diverse schepen te varen.

Afbeelding
Vlissingsche Courant, dinsdag 5 juli 1927

In juli 1929 was zijn term in de Oost volbracht en kwam hij als matroos der 1e
klasse terug naar Nederland aan boord van het ss Koningin der Nederlanden.
Op 11 augustus 1929 was hij terug in Vlissingen.

Afbeelding
Heldersche Courant, donderdag 25 juli 1929


ss Koningin der Nederlanden (1932)
Afbeelding
Foto: Stoomvaart Maatschappij Nederland


Afbeelding
Heldersche Courant, zaterdag 17 augustus 1929


Op woensdag 23 october 1929 is Arie op 23 jarige leeftijd te Vlissingen gehuwd
met de Vlissingse 20 jarige Catharina Tannetje de JONGE.

Afbeelding
Middelburgsche Courant, zaterdag 26 october 1929

Arie en Catharina woonden te Vlissingen.


In november 1929 gaat Arie naar de Marine kazerne in Amsterdam voor het volgen
van de opleiding tot telegrafist.

Afbeelding
Heldersche Courant, zaterdag 2 november 1929.

Na zijn opleiding volgen er varende plaatsingen en weer een term naar Indië.
In juli 1934 keert Arie terug vanuit de Oost in Vlissingen.

Afbeelding
Heldersche Courant, donderdag 17 mei 1934


ms Indrapoera
Afbeelding
Foto; Derbysulzers


Afbeelding
Vlissingsche Courant, zaterdag 4 augustus 1934

Per 1 augustus 1935 volgt zijn bevordering tot Korporaal-telegrafist.

Afbeelding
Heldersche Courant, zaterdag 28 december 1935

Na de bevordering volgt een term naar Nederlands West-Indië, geplaatst aan
boord van de Hr.Ms. Jan van Brakel.


Afbeelding
Heldersche Courant, zaterdag 10 april 1937


Afbeelding
Heldersche Courant, dinsdag 30 november 1937


Hr.Ms. Jan van Brakel
Afbeelding
Foto: Ebay

Na terugkeer in Nederland met de Van Brakel volgt er een plaatsing op het Wachtschip te
Vlissingen en later een plaatsing aan boord van de kruiser Hr.Ms. Tromp op 11 mei 1939.

Afbeelding
Heldersche Courant, woensdag 25 januari 1939


Afbeelding
Heldersche Courant, zaterdag 25 maart 1939

De Tromp vertrekt in augustus 1939 naar Nederlands Indië vanwege de gespannen
toestand in de wereld.

Kruiser Hr.Ms. Tromp
Afbeelding
Foto: Dutchfleet

Na aankomst van de Tromp te Soerabaja werd één derde van de bemanning overgeplaatst
naar andere schepen.

Waar Arie geplaatst is geworden is niet meer te achterhalen. Mogelijk op de kazerne, een
van de vele radiostations in de archipel of als telegrafist bij een van de kustbatterijen op
de eilanden.

Na de Japanse inval in Nederlands Indië is Arie als krijgsgevangene in een van de Japanse
kampen terecht gekomen. Door ziekte werd hij opgenomen in het hospitaal te Batavia. Na
te zijn verplaatst naar het hospitaal Mater Dolorosa is hij aldaar op zaterdag 4 november
1944 overleden.



Brief n.a.v. het overlijden van Arie Appeldoorn

Wijlen den Korporaal-telegrafist Appeldoorn, stamboeknummer 9043 werd
vanuit het hospitaal Sint Vincentius overgebracht naar het hospitaal Mater
Dolorosa met Buik Dysenterie terwijl hij reeds lijdende was aan suiker ziekte.
Hij werd verpleegt op de zaal waar als geneesheer optrad den officier van
gezondheid IIe klasse K.M.R. J.V.C. Cohen. Toen hij een paar dagen lag,
ben ik hem gaan opzoeken. Op mijn vraag hoe gaat het met je, antwoordde
opgewekt, O goed hoor. Ik heb hem nadien nog 5 maal opgezocht en met
hem wat zitten praten. Hoewel helder van geest, was mijn indruk dat hij hard
achteruit ging. Met de luitenant ter zee der IIe klasse K.M.R. W. Vader ook
verpleegd wordende in bovengenoemde inrichting besprak ik de toestand
van Appeldoorn en deze zeeofficier vond de toestand zeer ernstig. In de
ochtend van den 4de november kwam luitenant Vader mij nog waarschuwen
dat wilde ik van Appeldoorn afscheid nemen, ik mij moest haasten.
Toen ik bij hem kwam was hij reeds buiten kennis. Ik ben toen tegenwoordig
geweest bij het afleggen van het lijk. Op mijn vraag aan een zaalgenoot hoe
dat verscheiden heeft plaats gehad vertelde deze man mij het navolgende.
In den vroege ochtend was Appeldoorn naar de W.C. gegaan. Even later
kwam hij wankelend daarvan terug en trachtte zijn bed te halen, wat hem
evenwel niet gelukte. Hij viel voor zijn bed neer. De verpleger van de wacht
geholpen door een patiënt hebben hem op zijn bed gelegd en toen begon
doodstrijd. Het lijk was muisgrauw hetgeen volgens deskundige wees op
suikerziekte in de ergste graad. Door het verplegend personeel werden de
bezittingen van hem ingepakt waarbij ik meen dokter Cohen tegenwoordig
was. Ik ben tegenwoordig geweest bij de begrafenis welke op de bekende
Nippon manier werd verricht. Ik ben overtuigd dat gebrek aan medicijnen
en goede voeding het ziekte proces van Appeldoorn hebben verhaastigd.
De behandeling van de geneesheer als ook het verplegend personeel is
boven alle lof. Zij deden alles wat in hun vermogen lag om het lijden van
den patiënten te verzachten.

Gedaan den 15den November
Marine Vliegkamp Tj. Priok
De sergeant hofmeester
was getekend
A.C.W. van der Ent.

Voor een eensluidend afschrift
De luitenant ter zee IIe klasse
A.P. Ferwerda




Het droevige bericht dat Arie al in november 1944 is overleden.

Afbeelding
Provinciale Zeeuwsche Courant, dinsdag 27 november 1945


Arie is na de oorlog herbegraven op het Nederlandse Ereveld Menteng Pulo
te Jakarta in Indonesië.


Het graf van Arie Appeldoorn
Afbeelding
Foto: Geneanet 2005


Enkele bronnen:

"Van Morse tot E-mail", 100 jaar Marineverbindingsdienst
J. Buzepol en A.A. Lemmers (red.)
Uitgave Koninklijke Marine, 2004

"De Tromp en haar Trompers"
G.H. Kleinhout e.a.
Uitgeverij Lanastas, Emmen 2003

"Gedenkrol van de Koninklijke Marine 1939-1962"
en het niet gepubliceerde “Supplement" op deze
gedenkrol.
H.J. Floor †, Weesp, 2004.

"Naamboek Koninklijke Marine 1940"
Uitgave: Departement van Defensie, ’s-Gravenhage 1940


gw.geneanet.org
oorlogsgravenstichting.nl
www.derbysulzers.com
www.dutchfleet.nl
www.indischekamparchieven.nl
www.legerplaats.nl
www.oorlogsslachtofferswestbetuwe.nl
www.stoomvaartmaatschappijnederland.nl

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


ma nov 05, 2018 12:52 am
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
George Herbert JOHNSON (41 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Lounghborough Roll of Honour


Geboren in 1903 te Loughborough, County Leicestershire (Leics),
Engeland.

Zoon van John Edward en Louisa JOHNSON.


Op donderdag 7 september 1939 is George (35 jaar) te Wymeswold
(Leics) gehuwd met Kathleen Mary SMITH (26 jaar).


Flying Officer Royal Air Force Volunteer Reserve

Service number 108410.


Flying Officer George Herbert Johnson, is tijdens zijn actieve dienst bij
de Royal Air Force Volunteer Reserve overleden. Hij kreeg zijn vooraf-
gaande schoolopleiding aan de Carre Grammar School te Sleaford, en
het University College of Nottingham, waar hij ook speelde als centrale
middenvelder in het eerste elftal. Hij gaf als onderwijzer zeven jaar les
in een van de lagere scholen te Nottinghamshire. Na het behalen van
zijn opleidingscertificaat als leraar te Nottingham, sloot zich aan bij de
staf van de Loughborough Grammer School, waar hij de leiding kreeg
van de voorbereidende afdeling.

Zijn levendige en krachtige persoonlijkheid maakte hem tot een goede
leraar en later, toen op het school terrein een gymnastiek lokaal werd
gebouwd, nam hij de leiding van de fysieke training en atletiek coach-
ing op zich. Hierin legde hij al zijn vitaliteit en energie in en inspireerde
daardoor iedereen die onder zijn leiding kwam sporten. George was een
natuurlijk atleet en hij speelde alle wedstrijden met veel enthousiasme.
Een aantal jaren later speelde hij voetbal in de Leicestershire Nomads
(1935-1939) in de Midland Amateur Alliance. Ook veel cricketers zullen
hem herinneren door zijn levendig loop tussen wickets en zijn grote in-
zet tot wicket behoud in de wedstrijden op het speelveld van de school.


Net na het uitbreken van de oorlog, op 7 september 1939, trouwde hij
met Miss Kathleen Smith uit Wymeswold, die werkzaam bij de staf van
de Rosebery Primery School. Toen George vrijwillig in dienst ging bij de
R.A.F. ging, nam Kathleen Johnson zijn baan over op de voorbereidende
afdeling van de Loughborough Grammer School, waar ze net zo effectief
te werk ging als haar man. Dat leverde veel genegenheid op van al haar
collega's en ook van de leerlingen.

Sinds de invasie van Normandië in juni 1944 was George Johnson op
het vasteland van Europa met zijn eenheid, waar hij bezig was met de
organisatie en opbouw van rust- en ontspanningscentra achter het de
frontlinie, voor de rust en het welzijn van het R.A.F personeel.

De dood van George, in een verkeersongeval, op 11 november 1944
was een groot verlies voor zijn collega's en ondergeschikten bij zijn
eenheid in de R.A.F. en werd zeer betreurd door zijn collega’s in het
onderwijs en door al zijn oud leerlingen.


George Herbert Jonhson is herbegraven in Plot KK. Grave 216 van de
Gemeentelijke Begraafplaats Woensel "De Oude Toren"



Afbeelding
Foto: Gravenstichting Brabant - 13 mei 2014

De oorlogsbegraafplaats van het Gemenebest te Eindhoven-Woensel
bevat circa 686 oorlogsslachtoffers waarvan 543 vliegers die tijdens
bomaanvallen op Duitsland gedood werden. De overige 143 militairen
kwamen van twee militaire hospitalen die van oktober 1944 tot het
einde van de oorlog in Eindhoven waren gestationeerd. De graven zijn
van 570 Britten, 50 Canadezen, 38 Australiërs, 9 Nieuw-Zeelanders,
1 Zuid-Afrikaan, 14 Polen en 4 Nederlanders.


Afbeelding
Foto: WW2 Cemeteries - 17 april 2013


Op diverse plaatsen in de County Leicestershire zijn meerdere War Memorials
waar de naam van George Herbert JOHNSON op is aangebracht.


Glenfield, County Hall
Afbeelding

Afbeelding
Foto's: Leicestershire County Council - 15 oktober 2013



Loughborough, War Memorial, Bell Tower
Afbeelding

Afbeelding

Afbeelding
Foto's: Leicestershire War Memorials



Loughborough, Hodson Hall at the Grammar School
Afbeelding

Afbeelding

Afbeelding
Foto's: Lounghborough Roll of Honour - 26 januari 2017



Wymeswold, Memorial Hall
Afbeelding
Foto: Leicestershire County Council - 14 juni 2013



Wymeswold, St. Mary the Virgin Church
Afbeelding

Afbeelding
Foto's: Leicestershire County Council - 14 juni 2013


Enkele Bronnen:

gravenstichtingbrabant.nl
oorlogsgravenstichting.nl
www.cwgc.org
www.leicestershirewarmemorials.co.uk
www.loughborough-rollofhonour.com
www.tracesofwar.n
www.ww2cemeteries.com

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo nov 11, 2018 4:00 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Jannes (Jan) de JONGE (49 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Oorlogsgravenstichting


Geboren donderdag 15 december 1892 te Amsterdam (NH)

Zoon van Jannes de JONGE (1855 - 1904) en Jacoba SLEGT (1856 - 1897)

Afbeelding
Algemeen Handelsblad (AB), dinsdag 20 december 1892


Het gezin woonde in Amsterdam en bestond naast Jannes nog uit vijf andere
kinderen, waarvan er drie voor hun 7e verjaardag kwamen te overlijden.
Na het overlijden van Moeder de Jonge, trok Jannes (13 jaar) in op het adres
van zijn oudere broer Albert.


Jannes de JONGE is als beroepsmilitrair, met stamboeknr. 76168, in dienst
van het Koninklijk Nederlands Indische Leger (KNIL) bij de het onderdeel
Militaire Administratie.

Op vrijdag 24 juli 1920 huwde Jannes 28 jaar te Padang Pandjang op West
Sumatra, met 22 jarige Charlotte an HAACK.

Uit dit huwelijk werden 6 kinderen geboren alle te Indië, twee zonen en vier
dochters in de periode 1921 - 1932.


Jannes diende in de jaren 30 als Adjudant Onderofficier op verschillende plaat-
sen in de Archipel.

Afbeelding
Soerabaiasch-Handelsblad, zaterdag 23 november 1935


Na een lange looptijd als adjudant werd hij op 29 januari 1936 benoemd tot
Onderluitenant.


Afbeelding
De Indische Courant, dinsdag 21 januari 1936


Vanwege zijn langdurige onafgebroken dienst mocht hij voor 8 maanden
met verlof naar Europa.

Afbeelding
Het Nieuws van den Dag voor Nederlandsch-Indië, dinsdag 16 maart 1937


Het gehele gezin met de 6 kinderen, vertrekken met het motorschip Johan
van Oldenbarnevelt (1930 - 1963) op 15 december 1937 vanuit Batavia
naar Nederland.

Afbeelding
De Sumatra Post, woensdag 15 december 1937


Afbeelding
Foto: Stoomvaart Maatschappij Nederland

De famile is aangekomen in Amsterdam, woont vanaf 11 januari 1938 in de
Warmondstraat 187 te Amsterdam. Vanaf dit adres vertrekken zij weer op
5 juli 1938 richting de Oost.

De terugreis maakt men wederom aan boord van de Van Oldenbarnevelt, het
schip vertrekt op 13 juli 1938 vanuit Amsterdam en zal naar verwachhting op
11 augustus 1938 aankomen te Tandjong-Priok, de haven van Batavia.

Afbeelding
De Indische Courant, maandag 1 augustus 1938


De Van Oldenbarnevelt op een uitreis, passage bij de Hembrug
Afbeelding
Foto: Stoomvaart Maatschappij Nederland


Het schip is nauwelijks vertrokken uit Nederland of bij het KNIL heeft men al
een nieuwe standplaats voor Jannes in de pen zitten.

Hoe snel zo'n nieuwe standplaats zich kan wijzigen zien wij hieronder in de
volgende twee krantenberichten.


Afbeelding
Bataviaasch Nieuwsblad (AB), woensdag 20 juli 1938

Afbeelding
Bataviaasch Nieuwsblad (AB), woensdag 22 juli 1938



Jannes blijft geruime tijd dienst doen te Weltevreden een voorstad van Batavia.


Afbeelding
De Indische Courant, vrijdag 24 februari 1939


Oorlog in de Oost.

Na het uitbreken van de Japanse vijandelijkheden in het verre oosten, de invasie en later de capitulatie
van de strijdkrachten op Java op 8 maart 1942 is Jannes geplaatst op het hoofdkwartier van het KNIL
te Bandoeng op Java.

Vrouw en kinderen wonen ook te Bandoeng aan de Cannalaan 12. Of Jannes nog afscheid van hen heeft
kunnen nemen is niet bekend. Hij wordt op 17 maart 1942 gevangen genomen en op 15 augustus 1942
overgebracht naar het Krijgsgevangenenkamp Java Branch camp 1.


In october 1942 gaat Jannes de Jonge op transport met ongeveer 1700 andere krijgsgevangenen.


De Tacoma Maru 1 (3000 ton) vertrok op 16 october 1942 met ongeveer 1700 Nederlandse krijgsgevan-
genen (waaronder 500 reserve-officieren van het KNIL) uit Tandjong Priok naar Birma; deze groep krijgs
­gevan­genen kwam uit het 10e Bataljon in Batavia. De krijgsgevangenen zaten in over­volle ruimen. De
volgende dag brak er bacillaire dysenterie uit. Omdat isolatie van de zieken niet mogelijk was verspreid-
de de ziekte zich snel: er waren spoedig honder­den zieken.


De Tacoma Maru 1 (1909 - 1944) voor de oorlog
Afbeelding
Foto: Combined Fleet


Op 19 october 1942 bereikte het schip de rede van Singapore; hier mochten 63 ernstig zieke patiënten
aan wal gebracht worden. De overige krijgsgevangenen bleven aan boord.

Op 24 october 1942 vertrok het schip en voer langs de kust van Malakka in een convooi van 6 schepen.
Even voorbij Pinang werd het convooi aangevallen door twee geallieerde onder­zeeërs: één escorte-schip
werd getorpedeerd. Het convooi vluchtte op 25 october 1942 de haven van George Town te Pinang bin-
nen; hier bleef het schip negen dagen voor anker liggen. De hitte in het ruim was een ver­schrikking. De
ernstig zieke patiënten mochten aan dek gelegd worden. Er werden geen medicijnen beschik­baar gesteld,
de dysenterie breid­de zich verder uit. Op de dag van vertrek overleed aan boord het eerste slacht­offer,
hij werd in Pinang ter aarde besteld.

Op 4 november 1942 begon de overtocht naar Rangoon; onderweg overleden iedere dag één of meer
krijgsgevangenen; zij kre­gen een zeemansgraf. Bij aan­komst in Rangoon op 7 november 1942 waren
12 man overleden; 14 zeer zwaar zieke patiën­ten werden direct opgenomen in het Japanse Hospitaal.
De overige, waaronder Jannes, werden overgebracht naar de Ge­van­genis te Rangoon; er waren op
dat moment ongeveer 600 dysenterie patiënten.


Op donderdag 9 november 1944 wordt Jannes ernstig ziek. Hij is een van de dysenterie patiënten. In
de gevangenis te Rangoon vinden 220 krijgsgevangenen de dood. Er waren geen medicijnen beschik-
baar. De vier Nederlandse doktoren (waaronder Van Hasselt, D.Brouwer en Reeling Knap) konden de
ziekte uiteindelijk enigszins onder controle krijgen door de zieken streng te isoleren in de ziekenzalen.

Op zaterdag 18 november 1942 om 01.01 uur LT komt Jannes te overlijden aan de gevolgen
van dysenterie.

Zijn stoffelijk overschot wordt in een collectieve uitvaart nabij het logistieke crematorium te
Rangoon, Birma begraven.


Japanse internerigskaart Jannes (Jan) de Jonge (voorzijde)
Afbeelding

Japanse internerigskaart Jannes (Jan) de Jonge (achterzijde)
Afbeelding
Foto's: Nationaal Archief

Na de oorlog is het stoffelijk overschot van Jannes de Jonge herbegraven op het
Nederlands ereveld Menteng Pulo te Jakarta, Indonesië.


Afbeelding
Foto: Oorlogsgravenstichting - 2005


NB:

De naam van Jannes de Jonge komt voor op de dodenlijst van de gevangenis te
Rangoon als nummer 135 van de totaal 326 doden op deze lijst (lijst P.Harkema).

Op het grafmonument staat Art. (Artillerie), dit moet zijn Adm. (Administratie).


Enkele Bronnen:

"Naam- en Ranglijst der Officieren en Reserve-Officieren van het Koninklijke
Nederlandsche Leger en van de Officieren van het Koninklijke Nederlandsch-
Indische Leger 1940"
Uitgave, met voorkennis van het Departement van Defensie,
J. Noorduyn en Zoon N.V., Gorinchem 1940


archief.amsterdam
indearchipel.com
nl.wikipedia.org
oorlogsgravenstichting.nl
www.gahetna.nl
www.japansekrijgsgevangenkampen.nl
www.shbss.org/birma-siam-spoorweg
www.stoomvaartmaatschappijnederland.nl

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo nov 18, 2018 7:00 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Czeslaw GEBACKZA (28 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Niebieska eskadra


Geboren vrijdag 14 juli 1914 te Bukowiec Gorny, Leszno
te Polen.


Een jaar vóór zijn opkomst als dienstplichtige, bood hij zich
aan voor vrijwillige militaire dienst, omdat vrijwilligers zelf
hun krijgsmachtonderdeel konden kiezen. Czeslaw wilde piloot
worden. Hij diende zijn militaire diensttijd in het 3e luchtvaart-
regiment in Ławica in Poznań. Hij zou graag permanent als
vlieger bij de luchtmacht willen blijven, maar vanwege de spat-
aderen die hij tijdens het harde werken in de smederij van zijn
vader had gekregen, kon hij niet veel vliegen.
Na zijn ontslag uit de luchtmacht, bleef hij werken in Poznań.
Tijdens de mobilisatie moest Czeslaw opnieuw in dienst.

Czeslaw als vlieger tijdens zijn opleiding
Afbeelding
Foto: Bukowiec-Gorny


Tijdens de Duitse invasie van Polen die begon op 1 september 1939 werd de Poolse luchtmacht groten-
deels vernietigd.

De overgebleven toestellen werden buitgemaakt of teruggetrokken naar Roemenië. Veel Poolse piloten
konden ontsnappen naar Frankrijk. Daar werden ze gehergroepeerd in squadrons die vlogen met Franse
gevechtsvliegtuigen. Na de Franse overgave volgend op de Slag om Frankrijk werden de Poolse eenhe-
den deel van de Britse luchtmacht. In totaal zouden 15 Poolse squadrons geformeerd worden bij de RAF:
5 bombersquadrons en 10 fightersquadrons.


Woensdag 25 november 1942

Voor het eerst sinds tien dagen voert het Britse Bomber Command weer een operatie bij daglicht uit.
Zes Wellingtons en vijf Lancasters worden uitgezonden op een z.g.n. "Cloud-cover raid" naar Essen in
het Roergebied en vijf andere kleine Duitse doelen.

De meeste vliegtuigen keren terug op hun basis vanwege een te dun wolkendek. Eén Wellington bom-
bardeert schepen voor de Nederlandse kust. Eén Lancaster en één Wellington gaan verloren.

Vliegtuig op een barakkenkamp te Bergen (NH)

In Engeland maken op vliegveld RAF Ingham te Lincolnshire drie Wellingtons zich gereed voor een aan-
valsvlucht naar vliegveld Bergen. Het is woensdag 25 november 1942 rond de middag. Twee van de op-
gestegen Wellingtons breken kort na het opstijgen hun missie af, er is onvoldoende "wolkendekking"
('too thin and breaking').
Het toestel, de Wellington Mk. IV met rompcode Z 1495 en callsign. BH- ? van het 300 (Polish) Squadron
vlieg gewoon door, en laagvliegend = een Duitse verslag spreekt van lager dan 50 meter = nadert de
eenzame bommenwerper vliegveld Bergen.

Om 13.23 uur LT passeert de Z 1495 Bergen aan Zee en zet koers naar het vliegveld war de opgestelde
luchtafweer onmiddellijk het vuur opent. De bemanning van het toestel werpt zijn brisantbommen echter
gewoon af, zij het dat ze allemaal buiten het vliegveld terechtkomen. Het toestel wordt wel geraakt en de
piloot ziet geen kans om het toestel onder controle te krijgen.

De machine glijdt langzaam weg in noordelijke richting, verliest hoogte en boven het Bergerbos is er geen
houden meer aan. Het raakt de boomtoppen en even later gaat de kist onder groot geraas neer in een wei-
land, onder de Bergenaren bekend als de "Vinkenkrocht" aan de Breelaan.
Het is 13.28 uur.
Op het weiland, aan de bosrand staan veel gecamoufleerde voormalige Nederlandse barakken, die nu in
gebruik zijn bij de Duitsers. Het vliegtuig ploft neer precies tussen twee barakken en onmiddellijk ontstaat
een grote brand.
Het ongelooflijke gebeurt: vier van de vijf bemanningsleden komen al kruipende uit het wrak te voorschijn.
Drie blijken lichtgewond, de vierde is er erger aan toe.

Uiteraard is vanaf het vliegveld het gehele gebeuren gevolgd. De Duitse brandweer, aanwezig op het vlieg-
veld, rukte onmiddellijk uit onder commando van Brandmeister Flasch, en is binnen korte tijd aanwezig bij
het fel brandende vliegtuig en de barakken. Ook de brandweerkorpsen uit Bergen en Alkmaar melden zich
op de onheilsplek.

Omdat er nóg een bemanningslid moet zijn gaat de Duitse brandweercommandant in het wrak op zoek.

Hij vindt slechts een ‘verschrompeld pakketje’ knopen en ritssluitingen. De staartschutter van de Welling-
ton, sergeant Czeslaw GEBACKZA heeft het in tegenstelling tot zijn collega’s niet gered …



Het uitgebrande wrak tussen de barakken
Afbeelding


Afbeelding


Afbeelding
Foto's: Aircrew Remembered


De Wellington Z 1495 wordt maar 19 weken oud. Hij is tussen 8 en 21 juli 1942 in gebruik genomen bij
330 Squadron en maakt tot de crash bij Bergen 21 operationele vluchten. Er zijn gevallen bekend waar-
bij een vliegtuig al bij de eerste vlucht verloren ging.


De vijf bemanningsleden komen in juli 1942 bij het squadron. Zij maken tussen de 21 en 24 missies
naar vijandelijk gebied. De mannen allemaal afkomstig uit Polen waren;
Sergeant Wladislaus KAZMIERZACK, piloot, 22 jaar,
Sergeant Joseph SKONIECZNY, radio operator, 37 jaar,
Sergeant Czeslaw GEBARCZKA, staartschutter, 28 jaar, gesneuveld,
Sergeant Stanislaw ABLAMOWICZ, frontschutter, 37 jaar en
Flying Officer Jan GERSTAL, waarnemer, 28 jaar.

De vier Wellington gewonden worden na geneeskundige hulp naar Duitsland overgebracht. Joseph
SKONIECZNY gaat zienderogen achteruit en hij moet naar het ziekenhuis in Stadtroda. Daar sterft
hij op 6 februari 1943. Op het BERLIN 1939-1945 WAR CEMETERY in Berlijn vindt hij zijn laatste
rustplaats.


Vreemd sterfgeval

De zoon van losarbeider Adriaan Doffer, aan de Achterweg 15 te Bergen, de negen jarige Wilhelmus
Jacobus Cornelis overlijdt op de dag van de crash onder verdachte omstandigheden. In de loop van de
middag wordt de jongen misselijk. In de avond verslechtert zijn toestand en zijn ouders waarschuwen
dokter Poot die snel komt. De arts kan maar weinig doen en als hij overweegt de jongen naar het zieken-
huis te laten overbrengen sterft het kereltje onder zijn handen. In bergen gonst het direct van de geruch-
ten. Zou de jongen, die bij het vliegtuigwrak was wezen kijken, "pillen" hebben gevonden en deze hebben
ingenomen? Het bleken achteraf tabletten te zijn om zout zeewater te kunnen drinken ter overleving ....


Czeslaw GEBACKZA is begraven op de Algemene Begraafplaats te Bergen (NH) aan de Kerkedijk
in het gedeelte van de oorlogsgraven in Plot II, Rij E, Graf 1.

Afbeelding
22 maart 2011

Afbeelding
22 maart 2011

Afbeelding
17 april 2014

Afbeelding
Foto's: André Reijniers - 17 april 2014


Bezoek uit Polen

In een klein Pools plaatsje vraagt Anna Markiewicz - Gebackza, zuster van Czeslaw zich al jaren af wat er
toch met haar broer is gebeurd. In de oorlog hebben ze in Bukowiec-Gorny, waar de Gebackza's wonen,
amper informatie, maar na afloop , als de Polen geheel onder invloed van haar machtige oosterbuur staat,
sijpelt er met stukjes en beetjes toch nieuws naar het Poolse platteland en de familiekomt te weten dat
Czeslaw is omgekomen en dat hij een graf in Nederland heeft. Natuurlijk willen ze het graf bezoeken, maar
vooralsnog ziet de familie geen kans deze wens te verwezenlijken. De jaren verstrijken, het verlangen blijft
bestaan.

Jaren later als de omstandigheden in Polen drastisch zijn verbeterd, doet zich een gelegenheid voor. Het is
augustus 1992 en een zang- en dansgezelschap uit de omgeving waar de familie Gebackza wonen zal een
bezoek aan Nederland brengen. Anna raakt geëmotioneerd bij de gedachte dat ze eventueel mee zou kun-
nen naar het verre vreemde land waar haar broer begraven ligt en als ze uiteindelijk samen met haar twee
dochters, Irene en Danula op reis gaat naar Nederland gaat een grote wens in vervulling!

In Drachten is de heer Braam intussen al bezig met het lokaliseren van het graf en als de drie Poolse vrou-
wen arriveren arrangeert Braam op 26 augustus 1992 vervoer naar Bergen waar Jaap Kroon van de stich-
ting Remembrance and Friendship ze opwacht. Jaap Kroon was in november 1942 elf jaar oud, woonde in
Bergen en zag hoe het vliegtuig werd geraakt door het Duitse luchtafweergeschut. Hij begeleidt Anna, Irene
en Danula naar het graf van haar broer Czeslaw en vertelt wat er op die woensdag 25 november 1942 is
gebeurd.De drie vrouwen leggen bloemen op het graf en blijven er een hele tijd. Eindelijk is hun wens in
vervulling gegaan.


Anna:

"De grafsteen van mijn broer staat als eerste in een reeks grafstenen, omringd door bloeiende rozen.
We legden bloemen uit Drachten, staken kaarsen aan uit Polen, legden op het graf een beetje aarde
uit Bukowiec afkomstig van mijn moeders graf. Ook heb ik een rozenkrans opgehangen die door de
Paus in Rome was ingewijd.
Op de grafsteen van mijn broer staat een Poolse adelaar met kroon, precies zijn naam, de achternaam,
de geboortedatum en die van zijn dood. Geknield bij het graf, leek het me dat ik nu op de begrafenis
van mijn broer was en toen kon ik pas echt geloven dat mijn broer dood was ..."



Anna met één van haar dochters aan het graf van Czeslaw, 26 augustus 1992
Afbeelding
Foto: Bukowiec-Gorny


Enkele Bronnen:

"Vliegveld Bergen NH 1938 - 1945"
J.H. Schuurman
Uitgeverij De Coogh, Bergen 2001.

"The Bomber Command War Diaries", An operational reference book 1939 - 1945
M. Middlebrook and C. Everitt
Midland Publishing Limeted, Leicester, England 1996

en.wikipedia.org
listakrzystka.pl
niebieskaeskadra.pl
www.aircrewremembered.com
www.beeldbankbergen.nl
www.bukowiec-gorny.pl
www.cwgc.org
www.polishwargraves.nl
www.rafingham.co.uk

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


ma nov 26, 2018 12:30 am
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Klasinus (Klaas) van TONGEREN (29 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Oorlogsgravenstichting


Geboren maandag 2 december 1912 te Kesteren (GL).

Zoon van Peter van TONGEREN en Francina Maria WELVAART.


Afbeelding
Tielsche Courant, dinsdag 10 december 1912


De familie Van TONGEREN, met hun zeven kinderen. Klaas vooraan, rechts
Afbeelding
Oorlogsgravenstichting

Klaas studeert voor radiotelegrafist 1e klasse tijdens zijn werk bij Radio Holland.
Na het behalen van zijn diploma gaat hij in dienst bij de Koninklijke Marine. Hij
krijgt als seinersmaat het stamboeknummer 12063.


Afbeelding
De Tijd, zaterdag 18 maart 1933


Op 1 mei 1935 volgt zijn bevordering tot Korporaal-telegrafist. Na een dienst-
periode in Nederlands Oost Indië keert hij op 6 maart 1937 vanuit Soerabaja
terug naar Nederland waar hij per 8 october 1937 zich vestigt in Amsterdam.

Klaas verlaat de marine, wordt automatisch ingedeeld bij de Koninklijke Marine
Reserve (KMR) en moet, indien het vaderland hem nodig heeft, opnieuw opko-
men. Na een verlofperiode gaat Klaas als vliegtuig-telegrafist in dienst bij de
Koninklijke Luchtvaart Maatschappij (KLM).

Lang heeft Klaas niet van zijn nieuwe baan kunnen genieten. De afkondiging van
de Algemene Mobilisatie van de Nederlandse strijdkrachten op 28 augustus 1939
doet Klaas verplicht terugkeren naar de Marine als korporaal-telegrafist KMR.
Gezien zijn vliegervaring bij de KLM wordt hij geplaatst bij de Marine Luchtvaart
Dienst (MLD).


Klaas (27 jaar) treedt op 14 december 1939 in het huwelijk
met de in Amsterdamse 23 jarige Louisa Maria ROELOFSEN.
De jong gehuwden betrekken in Amsterdam een woning aan
de Argonautenstraat 75 III.


Afbeelding
Onbekende krant, collectie CBG Verzamelingen


Op 5 mei 1940 wordt hun dochter Louisa Francina Marie
(Wieselientje) geboren.


Afbeelding
Onbekende krant, collectie CBG Verzamelingen


Slechts enkele dagen later, 7 mei 1940, worden alle verloven ingetrokken gezien
de dreigende situatie in Europa. Een inval door onze Oosterburen is verwachtbaar.


Vrijdag 10 mei 1940.

Duitse inval in Nederland, België, Luxemburg en Frankrijk.

Na enige dagen felle tegenstand te hebben geboden tegen de Duitsers, besluit de
Bevelhebber de Zeestrijdkrachten om zoveel mogelijk personeel en materieel via
Frankrijk naar Engeland over te brengen. De MLD vertrekt voor de capitulatie met
alles wat enigszins kan vliegen en bruikbaar is om de strijd vanuit Engeland voort
te zetten, richting Frankrijk. Vanuit Frankrijk maakt men met de eigen vliegtuigen
de oversteek naar Engeland. Het personeel dat niet mee kan vliegen maakt vanuit
Cherbourg op 30 mei 1940 de oversteek aan boord van de Batavier II. Het schip
met aan boord 279 personeelsleden, inclusief enkele van de landmacht krijgt een
escorte van de mijnenveger Hr.Ms. Jan van Gelder.

In Milfordhaven volgt ontscheping, de MLD is voornemens de strijd voort te zetten.


Afbeelding
Limburgsch Dagblad, zaterdag 24 augustus 1940


Klaas als Korporaal Telegrafist KMR in Engeland
Afbeelding
Foto: 320 Squadron Operaties


Op 10 juni 1940 wordt het 1e Escadrille opgericht in Pembroke Dock in Wales.
De eenheid is de voorloper van het 320 Dutch Squadron. Het Escadrille vliegt
met hun eigen Fokker T.VIII-w toestellen die meegenomen zijn uit Nederland.
Ze worden ingezet voor o.a. konvooi begeleiding boven de Ierse zee.

Ook zijn er speciale opdrachten, zoals de geheime opdracht Tjeukermeer.

In bezet Nederland is men bezig om een geheim spionagenetwerk op te zetten.
De marineofficier L.A.J.R. (Lodo) van Hamel was 's nachts per parachute gedropt
bij Hillegeom en zette in vier tot vijf weken enkele inlichtingengroepen op en een
permanente radioverbinding met Engeland. Zijn taak was volbracht en Van Hamel
moest terug naar Engeland om verslag uit te berengen.

Een vliegtuig van het 320 Squadron, de voormalige R-7, nu RAF registratie
AV961 met als bemanning officiervlieger H.Schaper, officiervlieger W.J. Ritte
en de korporaal Klaas van Tongeren moesten onder de vlag van "Operation
Windmill" op het Tjeukermeer in Friesland, Van Hamel gaan oppikken.

Op 13 oktober 1940 zou men een poging wagen, maar door het slechte weer
was het maken van een start onmogelijk. 14 oktober een nieuwe poging, star-
ten lukt, goed vliegweer, maar bij het Tjeukermeer grondmist. Men probeert
er te landen maar dat is onmogelijk. Terug naar Engeland.

In de nacht van 15 op 16 oktober een nieuwe poging. Alles schijnt goed te
gaan, het toestel gaat, na ontvangst van het afgesproken lichtsignaal, over
tot de landing op het meer. Als na de landing Ritter zijn hoofd buitenboord
steekt om het wachtwoord te vragen, krijgt men een mitrailleursalvo als
antwoord.

De zaak is verraden ....

Klaas van Tongeren reageert snel en goed. Eén korte vuurstoot uit zijn mitrail-
leur brengt de vijand tot zwijgen. Schaper wacht niet verder af en schuift de
gashendels naar voren. Het anders zo rustige Tjeukermeer is verandert in een
heksenketel.
Zoeklichten flitsen aan en machinegeweren beginnen te knetteren. Het toestel
weet los te komen en komt veilig aan in Engeland. Waar de schade kan worden
opgenomen. Men telt later 40 treffers in de romp en de motoren van het toestel.
Klaas kwam tot de ontdekking dat er een aantal kogels in zijn parachutepak za-
ten. Met Lodo van Hamel liep het niet zo goed af. Hij werd uiteindelijk gearres-
teerd en ter dood veroordeelt.

De uitvoering van de geheime opdracht, waarvoor Schaper werd onderscheiden
met de Militaire Willemsorde en Ritte en Van Tongeren het Bronzen Kruis met
een eervolle vermelding was een van de laatste wapenfeiten van de Nederlandse
Fokker T.VIII-w drijvervliegtuigen.


De Fokker T.VIII-w, R-7 van de MLD in dienst van de RAF als AV961
Afbeelding
Foto: 320 Squadron Vliegtuigen


Het squadron vliegt nu niet meer met drijvervliegtuigen maar met de Avro Anson
en ook met toestellen van het type Lockheed Hudson.


Klaas als telegrafist, juli 1941
Afbeelding
Foto: Londen of Berlijn?, naar een schilderij van Frank E. Beresford, juli 1941


Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
De Sumatra Post, woensdag 15 januari 1941


RAF station Leuchars, Schotland zomer 1941
Afbeelding
Foto: 320 Squadron Alle Hens


Er wordt dagelijks gevlogen met de Hudsons voor konvooi begeleiding en
patrouilles bij de Noorse kust. Ook zijn er verliezen te melden van zowel
vliegtuigen als personeel.


De Lockheed Hudson Mk. III V8983 NO-F "Middelburg" van 320 Squadron
Afbeelding
Foto: Nederlands Instituut Militaire Historie


De bemanning gereed voor een oefenvlucht met de Hudson Mk. I T9286 NO-G.
Links, Officier-vlieger R. de Boer. Midden, Klaas. Rechts, Vliegtuigtelegrafistmaat P. Leentjes.
Afbeelding
Foto: 320 Squadron Operaties


December 1941


De Hudson Mk. III V9036 NO-O "Maskassar" voor de fatale vlucht op 2 december 1941.
Links Officier-vlieger J.D. Dolman. Rechts Korporaal telegrafist T.J. Gast (niet in de bemanning)
Afbeelding
Foto: 320 Squadron Vliegtuigen


De Hudson Mk. III V9036 "Makassar" is betaald met ingezamelde gelden uit Nederlands
Indië en in dienst gesteld op 21 september 1941.


Op dinsdag 2 december 1941 vertrekt de Hudson "Makassar" NO-O van 320 (Dutch)
Squadron van de RAF basis Leuchars te Fife aan de oostkust van Schotland voor een
operationele vlucht bij de Noorse kust.

De bemanning bestaat uit:

Jan Dirk DOLMAN (30 jaar), Officier vlieger;
Antoon BOM (23 jaar), Marinier 2e klasse;
Hendrikus Wilhelmus de LIJN (24 jaar), Korporaal vlieger;
Klaas van TONGEREN (29 jaar), hij is op deze dag jarig, Sergeant telegrafist KMR.

Tijdens de vlucht is het toestel door onbekende oorzaak neergestort (een vijandelijke actie, wordt
niet uitgesloten) nabij Lista Fyr in Noorwegen. Het vermoeden bestaat dat tijdens de dicht mist het
toestel tegen een rotswand is gevlogen.

Bij deze ramp komen de vier bemanningsleden om het leven. Hun stoffelijke resten worden door de
Duitsers geborgen en bij de naburige plaats Vanse begraven.

Op 28 januari 1942 komt via het Roode Kruis het bericht van overlijden van de bemanningsleden aan
bij de familie in Nederland.


Afbeelding
De Telegraaf (A.B.), dinsdag 10 februari 1942


Afbeelding
Afbeelding
De Heldersche Post, Albert Chambon, Den Helder zaterdag 22 augustus 1942



Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Het Vrije Volk, zaterdag 24 mei 1947



Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Twentsch Dagblad Tubantia, maandag 30 april 1951


De graven van de bemanning zijn later overgebracht
naar het Nederlands ereveld in Oslo.


Afbeelding
Foto's: Oorlogsgravenstichting


Het Nederlandse ereveld telt 23 graven van Nederlanders die omkwamen
in Noorwegen, Zweden en Finland. Onder hen militairen van de Koninklijke
Marine en vrouwelijke gevangenen van het concentratiekamp Ravensbrück,
die door het Zweedse Rode Kruis onder leiding van Graaf Folke Bernadotte
werden geëvacueerd.

Adres van het ereveld is:

Sørkedalsveien 66
0369 Oslo
Noorwegen



Zie ook : Ter Herinnering aan .... Jan Dirk DOLMAN, van 2 december 2012


Enkele bronnen:

"Eenige Wakkere Jongens", Nederlandse oorlogsvliegers in de
Britse luchtstrijdkrachten 1940 - 1945.
E. van Loo
Uitgeverij Boom, Amsterdam. Tweede druk: december 2013.

"Alle Hens van 320 Squadron", Peroneelsbestand No. 320
Squadron 1940 – 1946.
N. Geldhof
Uitgeverij Geromy B.V., Maarssen 2007.

"De Operaties van 320 Squadron"
N. Geldhof
Uitgeverij Geromy B.V., Maarssen 2006.

"De Vliegtuigen van 320 Squadron"
N. Geldhof
Uitgeverij Geromy B.V., Maarssen 2006.

"Gedenkrol van de Koninklijke Marine 1939-1962" en het niet
gepubliceerde "Supplement" op deze gedenkrol.
H.J. Floor †, Weesp 2004.

"RAF Coastal Command Losses of the second World War",
Aircraft en Crew Losses, Volume 1, 1939 - 1945 .
R. McNeill
Midland Publishing, Hinckley, Engeland 2003.

"Londen of Berlijn ?", De KLM en haar personeel in oorlogstijd
Deel 1: 1939 – 1941
J. Hagens
Uitgeverij Bonneville B.V., Bergen (NH) 2000.

"320 Squadron RAF Memorial 1940 - 1945"
J.P. Kloos
Uitgave: In eigen beheer, 2e herziene druk, 1992.

"De Koninklijke Marine in de Tweede Wereldoorlog" Deel: 3
Ph.M. Bosscher
Uitgeverij van Wijnen, Franeker, 1990.

"Vleugels van de Vloot", De geschiedenis van de
Marine Luchtvaart Dienst
L. Honselaar
Uitgevers Wyt, Rotterdam 1950,


cbg.nl
oorlogsgravenstichting.nl
regionaalarchiefrivierenland.nl
www.4en5mei.nl
www.amsterdam.nl
www.archieven.nl
www.onderscheidingen.nl

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


ma dec 03, 2018 12:30 am
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
Wolter WOLTERS (49 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Kamp Amersfoort


Geboren woensdag 21 juni 1893 te Groningen (GR).

Zoon van Johannes WOLTERS en Imke Grietje MOLENKAMP.


Afbeelding
Nieuwsblad van het Noorden, zondag 25 juni 1893


Op 29 jarige leeftijd te Groningen gehuwd met de 25 jarige Anje DIJKEMA.

Afbeelding
Nieuwsblad van het Noorden, maandag 10 juli 1922


Uit dit huwelijk twee dochters en een zoon

Woonplaats: Groningen, Korenbloemstraat 8

Beroep: Transportarbeider; stoker op de gasfabriek; tevens was Wolter
kaderlid van de Centrale Bond van Transportarbeiders (CBT) van het NVV.

Ook de neef van Wolter, Durk Wolters, is als vrachtwagenchauffeur werkzaam voor
Van Gend & Loos, lid van de CBT. Al snel wordt Durk ook actief kaderlid en zal zich
ook roeren in de strijd voor lotsverbetering van zijn collega’s.

Ergens in deze jaren is Durk lid geworden van de Communistische Partij Nederland
(CPN). In eerste instantie vervult hij daar geen kaderfunctie. Durk Wolters wordt
voorgedragen voor de kieslijst van de gemeente Groningen in 1939. Wolter zijn
oom en ook actief kaderlid in de CBT zag het lidmaatschap van de gemeenteraad
niet zo zitten en vond dat zijn neef Durk theoretisch en verbaal bekwamer was dan
hijzelf. En zo gebeurde het en werd Durk naar voren geschoven en verkozen. Con-
form het beleid van het NVV werd Durk geroyeerd als lid. Wolter bleef actief kader-
lid van de CBT en is ook actief lid binnen de CPN afdeling Groningen.


De CPN was al ruim voor de Tweede Wereldoorlog fel gekant tegen het fascisme.
Zo verleenden de communisten hulp aan Duitse antifascistische vluchtelingen en
steunden met illegale lectuur en geld het verzet in Duitsland. Na de Duitse invasie
van mei 1940 werd de partij dan ook verboden. De CPN besloot daarom al snel
om een ondergrondse organisatie op te richten, waarmee het de eerste verzets-
organisatie van Nederland werd.

Eén van de verzetsdaden van de CPN was de uitgave en verspreiding van de ille-
gale krant 'De Waarheid'. Deze krant kan gezien worden als de opvolger van de
door de bezetter in juli 1940 verboden communistische krant 'Het Volksdagblad'.

'De Waarheid' werd ook regionaal verspreid onder veel verschillende namen. In
Groningen, en de rest van het noorden, heette de krant 'Noorderlicht. '

'Noorderlicht' is tussen 1940 en 1941 een aantal keren in het noorden verspreid.
In de provincie Groningen zat o.a. in Oude Pekela een verzetshaard van commu-
nisten, die ook wel de verzetsgroep 'Noorderlicht' genoemd werd.

Wolter Wolters was één van de makers en verspreider van het 'Noorderlicht'. Na
de Februaristaking van 1941 werden naast het 'Noorderlicht' ook veel andere ille-
gale pamfletten gedrukt en verspreid.
Naast Wolter hielpen ook zijn vrouw Anje en de kinderen met de verspreiding van
het illegale drukwerk.


Een gedeelte van 'Noorderlicht', nieuwjaar 1941
Afbeelding
Afbeelding
Noorderlicht No. 3, woensdag 1 januari 1941


Wat opvalt is dat het 'Noorderlicht' in elke editie (100 tot 300 exemplaren) fel
tegen elke vorm van antisemitisme en Jodenvervolging protesteerde en een
ieder opriep om zich tegen het antisemitisme te verzetten. Het verzet tegen het
antisemitisme kwam tot uiting in de Februaristaking van 1941. Deze staking leid-
de bij de bezetter echter tot verscherpte terreur, waardoor er eind februari van
datzelfde jaar de eerste arrestaties plaatsvonden in Groningen.


In de nacht van vrijdag 28 februari op zaterdag 1 maart 1941 is Wolter gearres-
teerd door de SD nadat hij pamfletten in de jassen van collega's had gestopt.

Wolter is de eerste van de Noorderlichtgroep die is aangehouden. Na een verhoor
in het beruchte Scholtenhuis in Groningen, verblijft hij zeven maanden in het Huis
van Bewaring te Groningen.

In de maanden die daarop volgden werden er nog eens tientallen communisten
opgepakt. Deze eerste arrestatiegolf was voor de noordelijke communisten een
zware tegenslag. Maar de organisatie herpakte zich en het 'Noorderlicht' bleef
verschijnen tot een tweede arrestatiegolf, toen vrijwel alle medewerkers gearre-
steerd werden. Rond de 55 mensen werden in Groningen gearresteerd vanwege
hun verband met de krant 'Noorderlicht' en werden naar verschillende concen-
tratiekampen gestuurd.

Toen de Noorderlichtgroep in Groningen in februari 1941 werd opgerold werd het
Noorderlicht op 5 maart 1941 voor de eerste en laatste maal in Leeuwarden ge-
maakt in de Insulindestraat bij Eds en Klaaske van der Heide en van daaruit ver-
spreid. Kort daarna werden vrijwel alle medewerkers gearresteerd en ging het
'Noorderlicht' ter ziele.


Na zijn verblijf in het Huis van Bewaring te Groningen ging Wolter op 27 juli 1941
met 7 overige arrestanten op transport naar het Oranjehotel te Scheveningen. In
Scheveningen heeft dochter Emmy haar vader in augustus 1941 nog bezocht.
Vanuit Scheveningen ging hij naar Kamp Amersfoort dat sinds augustus 1941 was
geopend. In Kamp Amersfoort verbleef hij met vele andere gearresteerde commu-
nisten.

In Amersfoort waren in het eerste jaar mishandelingen aan de orde van de dag.
Eten kregen de gevangenen nauwelijks. Het barre winterweer en de slechte hy-
giëne en gebrekkige medische verzorging putten gevangenen verder uit. In het
kamp troffen de Groningers 101 Sovjet-Russische krijgsgevangenen, die als
bolsjewistische Untermenschen op beestachtige wijze werden mishandeld en als
afschrikwekkend voorbeeld moesten dienen voor Nederlandse communisten. In
Amersfoort ook viel het eerste dodelijke slachtoffer onder de Groningers.

Ook neef Durk WOLTERS, gearresteerd in mei 1941, komt op 25 oktober 1941
vanuit Groningen naar Kamp Amersfoort. Hij wordt later, in november 1941
overgebracht als gijzelaar naar Haaren (NB).

Of oom en neef elkaar hebben ontmoet in Kamp Amersfoort is niet bekend.

Vanaf februari 1942 volgden kort na elkaar de transporten plaats naar Buchen-
wald en andere kampen. Wolter ging op 25 september 1942 op transport naar
kamp Neuengamme bij Hamburg, Duitsland. Hij kreeg daar kampnummer 10329.
De meerderheid van de Groningse communisten kwam al in het eerste jaar van
hun verblijf in deze kampen om het leven.


Wolter WOLTERS kwam op woensdag 9 december 1942
om het leven in Neuengamme.

Er is geen doodsoorzaak van Wolter opgegeven.

Afbeelding
Nieuwsblad van het Noorden, zaterdag 19 december 1942



In de bewaard gebleven dodenboeken van Neuengamme
(registratie van overleden gevangenen) staan verschillen-
de ziekten waaraan gevangenen zijn gestorven: enteritis,
tuberculose, dysenterie, hartfalen, enz. Dat is verhullend.
De ware doodsoorzaak zijn vrijwel altijd de abominabele
omstandigheden in het kamp geweest. Bovendien zijn de
gegevens volledig onbetrouwbaar. Vaak werd er in de regi-
stratie maar wat opgeschreven.
(Bron: Nederlanders in Neuengamme)




Wolter WOLTERS is na de oorlog herbegraven op
het Nederlands ereveld te Hamburg-Ohlsdorf.
Hij heeft samen met Johan Hendrik ZWEBE een
laatste rustplaats gevonden in een dubbelgraf.


Afbeelding
Foto's: Oorlogsgravenstichting


Durk WOLTERS wist begin 1942 vanuit Haaren (NB) te ontsnappen waarna hij zich
schuil hield op verschillende adressen in Amsterdam. Vanaf oktober 1942 bracht
Durk in het kader van het Solidariteitsfonds en het Nationaal Steun Fonds (NSF)
geld en bonkaarten bij onderduikers in de Haarlemmerpoortbuurt. In 1943 sloot
hij zich aan bij de Raad van Verzet in Amsterdam en organiseerde hij sindsdien
als commandant van een sabotagegroep verschillende acties. Op 25 april 1945
werd Durk, op het moment waarop twee groepsleden verslag uitbrachten van een
overval op een NSB’er, op de Bloemgracht door de Sicherheits Polizei overvallen
en doodgeschoten. Durk Wolters ligt begraven op het ereveld van Bloemendaal.



Enkele Bronnen:


monument.vriendenkringneuengamme.nl
nl.wikipedia.org
oorlogsgravenstichting.nl
www.geertsterringastichting.nl
www.genealogieonline.nl
www.kampamersfoort.nl
www.openarch.nl
www.vakbondshistorie.nl

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo dec 09, 2018 10:00 pm
Profiel
Avatar gebruiker
arwanda1465

Geregistreerd:
za sep 18, 2010 8:40 pm
Berichten: 550
Woonplaats: Ergens in Nederland
Bericht Re: Ter herinnering aan..
.
René Paul WIRIX (38 jaar)
.

Afbeelding
Foto: Opdat wij niet vergeten



Geboren donderdag 30 januari 1902 te Den Haag (ZH)


Afbeelding
Onbekende krant, december 1902 = Cbg Verzamelingen


Zoon van Anthonie Petrus WIRIX en Justine Constance van MANSVELT


Afbeelding
Haagsche Courant , vrijdag 2 januari 1903


Naast zoon René Paul bestond het gezin ook uit dochter Bella Virgina, geboren
op vrijdag 3 augustus 1900.


René volgde de voetsporen van zijn vader als beroepsmilitair in de Nederlandse
krijgsmacht. Na zijn opleiding aan de Koninklijke Militaire Academie (K.M.A.) te
Breda volgde op 3 juli 1925 zijn benoeming tot 2e luitenant bij het wapen der
infanterie.
Hij werd geplaatst bij 4e Regiment Infanterie dat gelegerd was in de Moschpoort
kazerne te Leiden.


Afbeelding
Rotterdamsch Nieuwsblad, vrijdag 3 juli 1925


Naast beroepsmilitair was René ook een enthousiast radio-zendamateur.


Afbeelding
Radio Wereld, nr. 15, 12 april 1928


Op maandag 1 juli 1929 te Arnhem (GL) huwde René, 26 jaar met
Christine Pauline DOERRLEBEN, 23 jaar.


Afbeelding
Arnhemsche Courant, maandag 1 juli 1929


Uit dit huwelijk werd te Den Haag op zaterdag 28 juni 1930 zoon Karel Paul
geboren.


Afbeelding
Het Vaderland, maandag 30 juni 1930


In 1929 is hij leider der Experimentele afdeling van de Nederlandsche Vereeniging
voor Internationaal Radio-Amateurisme (N. V. I. R.). Ook heeft hij in hun huis aan
De Bruijnestraat 36 een eigen zendstation met als roepnaam PAORW. Ook is hij
lid van de van de examencommissie afgifte vergunningen radio-zendamateurs.


Van zijn standplaats te Leiden bij het 4e R.I. gaat hij, inmiddels bevordert tot 1e
luitenant, in october 1931 naar de normaalschietschool te Den Haag.


Afbeelding
Amersfoortsch Dagblad - De Eemlander, donderdag 8 october 1931


Gedurende de periode 1931 - 1937 volgen er nog verschillende overplaatsingen,
maar waarschijnlijk ligt zijn hart toch meer bij de radio-zendamateurs. Na enige
tijd op non-actief gesteld te zijn gaat hij per 1 augustus de militaire dienst verla-
ten.


Afbeelding
De Militaire Spectator, 1 september 1937


Of René Paul direct na zijn eervol ontslag uit dienst bij de Nederlandsche Sein-
toestellen Fabriek (N.S.F.) ging werken is niet geheel duidelijk.
Tijdens de Duitse bezetting is hij werkzaam bij de N.S.F. Het gezin woont in de
Orionlaan 88 te Hilversum. De fabriek werd door de Duitsers gedwongen om
oorlogsproducten te maken.


René Paul was lid van de verzetsgroep "Radiogroep en zenders" binnen de fabriek,
met nog enkele andere collega's. De groep bouwde illegaal zenders en radio's voor
Nederlandse agenten die vanuit Engeland naar het vaderland werden gestuurd om
verzetsactiviteiten te organiseren. Ook saboteerde de verzetsgroep producten die
voor de Duitsers werden gebouwd. Tevens werden vanuit de groep regelmatig code-
berichten met informatie over troepenbewegingen verzonden.

René Paul wist dat de Duitsers op hem joegen. In de tijd na september 1941 heeft
hij tegen een vertrouwenspersoon van hem gezegd, dat hij er kennis van droeg dat
hij voorkwam op de lijst van de Sicherheitsdienst (S.D.) betreffende verdachte per-
sonen. René Paul werd zienderogen zenuwachtiger en was op alles voorbereid.
De eerste keer dat het bijna mis ging, was eind september of begin oktober 1941.
Toen hij bij Philips in Eindhoven was, kwam de S.D. hem daar zoeken. Het was nog
juist gelukt om weg te komen.

René Paul was overtuigd, dat hij bij arrestatie zou worden gefusilleerd. Hij droeg
derhalve steeds een pistool bij zich met het vaste voornemen dit bij arrestatie te
gebruiken daar hij er toch niet levend van af zou komen. Zijn vrouw Christine en
hun zoon Karel waren reeds ondergedoken en in de woning aan de Orionlaan was
een vriendin van Christina die op huis paste.

René Paul verbleef op meerdere onderduikadressen in Amsterdam en Amstelveen.
Het gevaar van arrestatie bleef echter voort duren.

Op een dinsdag in november 1941 werd aan een collega van René Paul, ingenieur
Slooff, in vertrouwen door de heer Bikkers, hoofdcontroleur van de N.S.F. verteld
dat de S.D. aan de fabriek was om René Paul te arresteren. Maar hij was toen bij
Philips in Eindhoven. Slooff heeft er nog van alles aan gedaan om René Paul bij
zijn terugkomst later in Hilversum voor onheil te behoeden. Op 16 december 1941
ging het toch mis.

Maar hoe was de S.D. eigenlijk op het spoor gekomen van de zenderbouw door de
groep rond René Paul? Bij Slooff geen twijfel. Hijzelf, René Paul en N.S.F.-collega
B. Graaf bouwden aan een zender die een paar maal werd verhuisd, de laatste keer
naar de woning van N.S.F.-constructietekenaar Metz aan de Heidestraat.
Over Metz zegt Slooff dat deze later is gebleken te zijn de verrader.


Dinsdag 16 december 1941

In de avond gaat René Paul naar zijn huis aan de Orionlaan en daar wordt er gericht
op hem geschoten. Het schot treft René Paul in de slaap volgens de aanwezige vrien-
din van zijn vrouw die op het huis paste. Die vriendin verklaarde na de oorlog dat col-
laborateur C gericht op René Paul had geschoten.

Er is een dokter bij geweest en René Paul is naar het Wilhelminagasthuis in Amster-
vervoerd en daar, zonder tot bewustzijn gekomen te zijn, diezelfde avond overleden.


Afbeelding
Onbekende krant-tijdschrift, = Cbg Verzamelingen


Graf onbekend.

Het stoffelijk overschot van René Paul is op een onbekende plaats begraven.

Na de oorlog is René Paul WIRIX herbegraven op het Nationaal Ereveld te
Loenen (GL) in vak E, graf 194.


Afbeelding
Foto: Oorlogsgravenstichting


N.S.F.-constructietekenaar Isaac Metz moest zich na de oorlog verantwoorden voor zijn verraderswerk.


AfbeeldingAfbeelding
Algemeen Handelsblad, maandag 4 februari 1946


Afbeelding
Algemeen Handelsblad, zaterdag 16 februari 1946


Afbeelding
De Gooi- en Eemlander, donderdag 1 mei 1947



In 1955 is in Hilversum de Wirxstraat vernoemd naar René Paul


Afbeelding
Google Street View, augustus 2018



Bronzen plaquette ter nagedachtenis aan de NSF-ers die in de oorlog zijn omgekomen in de
strijd tegen de bezetter:

Oorsponkelijke lokatie: op het Omroepgebouw (Nederlandse Seintoestellen Fabriek) aan de
Jan van der Heijdenstraat te Hilversum.

Vanaf 1998 aan Anthony Fokkerstraat.

Vanaf 2010 Stadspark De Hof (Oude begraafplaats Gedenkt te Sterven) aan de Oude Toren-
straat.

Op dinsdag 30 augustus 2011 is de oorspronkelijke bronzen plaquette gestolen. Sinds enige
tijd is er een vervangend exemplaar geplaatst.


De originele bronzen plaquette bij het Omroepgebouw
Afbeelding
Foto: RTV-NH


De originele bronzen plaquette in Stadspark De Hof
Afbeelding


Afbeelding
Foto's: 't Gooi info


De vervangende plaquette
Afbeelding
Foto: Pvt pauline, 8 september 2013


Monument in het raadhuis te Hilversum

Het monument in de burgerzaal van het raadhuis van Hilversum is
een marmeren gedenkplaat met inscriptie. In de vitrine onder de
plaat ligt een boek met de namen van omgekomen joodse burgers.
Bovendien zijn de namen opgenomen van verzetsmensen, militai-
ren en burgers die slachtoffer van de oorlog zijn geworden.
Totaal staan er circa 2.000 namen in dit boek.

De naam van René Paul Wirix staat op de marmeren gedenkplaat.


Afbeelding
Foto: J. Volland (4en5 mei)



Enkele Bronnen:

De Gooi- en Eemlander, vrijdag 4 mei 2018.

"Opdat wij niet vergeten", Verhalen van 25 verzetshelden
van Hilversum
P. Broertjes en M. Kistemaker
Uitgeverij Verloren, Hilversum 2018.

"Straatnamenboek van Hilversum"
A.H. Meijer
Uitgeverij Verloren, Hilversum, 2e verbeterde druk 1988.

"De Militaire Spectator",
diverse nummers, uit de jaargangen van 1925 – 1937.

"Radio Nieuws", Orgaan van de Nederlandsche Vereeniging
voor Radio-Telegrafie
No. 9, 1 september 1929.

"Radio Wereld", Weekblad voor Nederlandsche Radio Amateurs
en Luisteraars
No. 15, 12 april 1928.


denhaag.digitalestamboom.nl
oorlogsgravenstichting.nl
www.4en5mei.nl
www.gooieneemlander.nl
www.henkvankampen.eu
www.stichtingdehof.nl
www.tracesofwar.nl
www.werelate.org
www.wikiwand.com

_________________
Alles sal reg kom as ons almal ons plig doen


zo dec 16, 2018 10:00 pm
Profiel
Geef de vorige berichten weer:  Sorteer op  
Plaats een nieuw onderwerp Antwoord op onderwerp  [ 945 berichten ]  Ga naar pagina Vorige  1 ... 59, 60, 61, 62, 63


Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers. en 1 gast


Je mag geen nieuwe onderwerpen in dit forum plaatsen
Je mag niet antwoorden op een onderwerp in dit forum
Je mag je berichten in dit forum niet wijzigen
Je mag je berichten niet uit dit forum verwijderen

Zoek naar:
Ga naar:  
cron
Alle rechten voorbehouden © STIWOT 2000-2012. Privacyverklaring, cookies en disclaimer.

Powered by phpBB © phpBB Group